Gewone vaderschapsverlof:
Vaders kunnen als werknemer 10 dagen afwezig zijn op het werk, op te nemen binnen de 4 maanden na de geboorte. De eerste drie dagen blijft het loon behouden. Voor de overige 7 dagen ontvangt men een uitkering van het ziekenfonds.
Specifiek vaderschapsverlof:
Bij hospitalisatie of overlijden van de moeder, kan de vader een deel van de moederschapsrust overnemen en omzetten in de zgn. vaderschapsrust.
Opgelet! Verwar dit niet met het gewone vaderschapsverlof van 10 dagen bij de geboorte
De vader moet een aantoonbare afstammingsband hebben met het kind.
Bij hospitalisatie van de moeder:
Het vaderschapsverlof kan pas starten vanaf de 8 ste dag na de geboorte.
Het stopt wanneer de moeder het ziekenhuis verlaat of op zijn laatst bij het verstrijken van het niet-opgenomen deel van het moederschapsverlof.
Je kind moet het ziekenhuis verlaten hebben en de opname van de moeder moet langer dan 7 dagen duren.
De vader brengt vóór de aanvang van dit vaderschapsverlof zijn werkgever schriftelijk op de hoogte. De aanvangsdatum en de vermoedelijke duur van de afwezigheid moeten hierin vermeld worden.
De vader moet ook een medisch attest indienen waarin wordt bevestigd dat de moeder minstens 7 dagen zal worden opgenomen in het ziekenhuis.
De vader ontvangt een ziekte-uitkering (60% van zijn loon). De moeder behoudt een moederschapsuitkering.
Bij overlijden van de moeder:
De vader kan het resterende deel van het moederschapsverlof opnemen.
De vader moet zijn werkgever binnen de 7 dagen na het overlijden schriftelijk op de hoogte brengen. De aanvangsdatum van het verlof en de vermoedelijke duur van de afwezigheid moeten in deze schriftelijke mededeling vermeld worden.
De vader ontvangt de 'moederschapsuitkering', die wordt berekend op basis van zijn loon. Meer informatie kan je verkrijgen bij je ziekenfonds.