Kind en Gezin Homepage
home | contact | adressen | bibliotheek | publicaties | klachten | links | English pages | pages françaises | sitemap www.vlaanderen.be
Zoekopdracht uitvoeren Uitgebreid zoeken OUDER  |  PROFESSIONAL

Professionals
      IBO
      Mini-crèche
Ouders
Algemeen
Kinderopvang > Je vangt al kinderen op > Lokale dienst buurtgerichte kinderopvang 

Lokale dienst voor buurtgerichte kinderopvang

Op 20 maart 2009 keurde de Vlaamse regering een wijziging van het besluit van de lokale diensten goed.
De belangrijkste wijzigingen zijn voor de voorschoolse lokale diensten buurtgerichte kinderopvang:
de verhoging van het forfaitair subisidiebedrag naar 11019,55 euro per plaats per jaar
- de verrekening van de financiële bijdragen van de gezinnen waardoor diensten geen verlies van inkomen lijden wanneer ze door een toegankelijk opnamebeleid een lage bijdrage van de gezinnen ontvangen.

Je kan een aanvraag indienen voor:
-
nieuwe lokale diensten (minimum 10 plaatsen)
-
uitbreidingplaatsen in de bestaande lokale diensten
-
voorschoolse of buitenschoolse lokale diensten

-
in het Brussels hoofdstedelijk gewest en in het Vlaams Gewest.

Wat?
Wie kan zich kandidaat stellen om een lokale dienst voorschoolse opvang toegestemd te krijgen?
Wie kan zich kandidaat stellen om een lokale dienst buitenschoolse opvang toegestemd te krijgen?
Waar kan een lokale dienst opgericht worden?
Waarom deze actie?
Voorwaarden om een lokale dienst voor buurtgerichte kinderopvang toegestemd en gesubsidiëerd te krijgen
    Algemene voorwaarden
    Voorwaarden voor een structurele lokale samenwerking met erkende kinderopvang
    Kwaliteitsvoorwaarden
    Voorwaarden voor een toegankelijke werking
    Voorwaarden voor de financiële bijdrage van de gezinnen in het kader van een toegankelijke werking
    Voorwaarden voor het personeel
Subsidies en betalingen
Combinatie met andere acties voor flexibele en occasionele opvang
Registratie
Hoe stel ik me kandidaat?
Hoe en wanneer wordt beslist over de aanvraag?
Regelgeving
Mogelijke vormingen en opleidingen
FAQ

Wat?

Een lokale dienst realiseert een toegankelijke kinderopvang die laagdrempelig is en respect heeft voor diversiteit. Ze heeft een specifieke werking die het gebruik van kinderopvang door kwetsbare gezinnen bevordert. In die specifieke werking staan een buurtgerichte inbedding en de participatie van de doelgroep centraal.
Een lokale dienst werft ook 
doelgroepwerknemers aan die mee instaan voor de begeleiding van de kinderen en biedt hen gelijkwaardige kansen in de organisatie
 
Er kunnen twee types lokale diensten toegestemd worden. Elk type moet minstens tien opvangplaatsen tellen.

  • een lokale dienst voorschoolse opvang:
    biedt opvang aan voor kinderen die nog niet naar school gaan of die in de overgangsfase zitten tussen opvang en school.  Zij kan ook kinderen uit het kleuteronderwijs buitenschools opvangen. 

  • een lokale dienst buitenschoolse opvang:
    biedt opvang aan voor schoolgaande kinderen



Top
 

Wie kan zich kandidaat stellen om een lokale dienst voorschoolse opvang toegestemd te krijgen?

  • een organiserend bestuur van een erkend kinderdagverblijf en/of een initiatief voor buitenschoolse opvang (IBO) indien zij in de gemeente waar de lokale dienst zal gerealiseerd worden ook een erkende voorschoolse opvang organiseert nl. een erkend kinderdagverblijf of een dienst voor onthaalouders 

  • BND-projecten voorschoolse opvang die van Kind en Gezin subsidies krijgen op basis van het experimenteel kader van 26 mei 2004. Deze projecten kunnen enkel toestemming en bijhorende subsidiëring krijgen voor een lokale dienst voor de BND-projecten waarvoor ze tot en met 31 december 2007 een subsidie kregen van Kind en Gezin.

  • projecten lokale diensteneconomie voorschoolse opvang die een erkenning hadden tot en met 31 december 2007 in het kader van het actieplan centrumsteden binnen de lokale diensteneconomie.  Deze projecten kunnen enkel toestemming en bijhorende subsidiëring krijgen voor een lokale dienst voor de projecten lokale diensteneconomie waarvoor ze tot en met 31 december 2007 een subsidie kregen van het Vlaams subsidieagentschap voor Werk en Sociale economie.



Top
 

Wie kan zich kandidaat stellen om een lokale dienst buitenschoolse opvang toegestemd te krijgen?

  • een organiserend bestuur van een erkend kinderdagverblijf en/of een initiatief voor buitenschoolse opvang (IBO) indien zij in de gemeente waar de lokale dienst zal gerealiseerd worden ook een erkende buitenschoolse opvang organiseert nl.:
    - een initiatief voor buitenschoolse opvang (IBO) of
    - een buitenschoolse opvang in aparte lokalen van een erkend kinderdagverblijf of
    - een dienst voor onthaalouders

  • BND-projecten buitenschoolse opvang die van Kind enGezin subsidies krijgen op basis van het experimenteel kader van 26 mei 2004. Deze projecten  kunnen enkel toestemming en bijhorende subsidiëring krijgen voor een lokale dienst voor de BND-projecten waarvoor ze tot en met 31 december 2007 een subsidie kregen van Kind en Gezin.



Top
 

Waar kan een lokale dienst opgericht worden?



Top
 

Waarom deze actie?



Top
 

Voorwaarden om een lokale dienst voor buurtgerichte kinderopvang toegestemd en gesubsidiëerd te krijgen

    Algemene voorwaarden
    Voorwaarden voor een structurele lokale samenwerking met erkende kinderopvang
    Kwaliteitsvoorwaarden
    Voorwaarden voor een toegankelijke werking
    Voorwaarden voor de financiële bijdrage van de gezinnen in het kader van een toegankelijke werking
    Voorwaarden voor het personeel


Top
 

Algemene voorwaarden

  • Voorzieningen mogen voor het aangevraagd aanbod in een lokale dienst geen subsidies van het FCUD krijgen.

  • Het erkende kinderdagverblijf of IBO behoort tot een organiserend bestuur dat minstens 75 erkende opvangplaatsen realiseert of kan aantonen over voldoende competentie en ervaring te beschikken om kwaliteitsvolle kinderopvang voor de doelgroep te organiseren. Voor een lokale dienst gegroeid uit een BND-project geldt deze voorwaarde niet, ze wordt immers geacht vervuld te zijn 

  • De capaciteit van een lokale dienst bedraagt minimaal 10 plaatsen.



Top
 

Voorwaarden voor een structurele lokale samenwerking met erkende kinderopvang

Lokale diensten werken structureel samen met reeds bestaande voorzieningen: 

  • Zo worden er geen nieuwe aparte structuren voor specifieke doelgroepen gecreëerd. 

  • De continuïteit naar gezinnen en kinderen bij een eventuele wijziging van de arbeids-en/of gezinssituatie wordt verzekerd. 

  • De bestaande expertise in kinderopvang wordt benut.

lokale dienst voorschoolse opvang

Tussen de lokale dienst voorschoolse opvang en een erkende voorschoolse opvang is er een structurele samenwerking, waarbij: 

  1. afspraken gemaakt worden over en inspanningen geleverd worden om de continuïteit van de opvang voor de gezinnen te garanderen bij een eventuele verandering in de arbeids- of gezinssituatie en/of bij een gewijzigde opvangvraag

  2. de bestaande expertise op het vlak van voorschoolse opvang en de opgebouwde expertise van de lokale dienst onderling doorstromen en zo de kwaliteit en de toegankelijkheid van de dienstverlening bevorderen.

lokale dienst buitenschoolse opvang

Tussen de lokale dienst  buitenschoolse opvang en een erkende buitenschoolse opvang anderzijds is er een structurele samenwerking, waarbij: 

  1. afspraken gemaakt worden over en inspanningen geleverd worden om de continuïteit van de opvang voor de gezinnen te garanderen bij een eventuele verandering in de arbeids- of gezinssituatie en/of bij een gewijzigde opvangvraag

  2. de bestaande expertise op het vlak van buitenschoolse opvang en de opgebouwde expertise van de lokale dienst onderling doorstromen en zo de kwaliteit en de toegankelijkheid van de dienstverlening bevorderen.

Voor een lokale dienst gegroeid uit een BND-project gelden deze voorwaarde pas vanaf 1 januari 2010.



Top
 

Kwaliteitsvoorwaarden

Algemene kwaliteitsvoorwaarden

De algemene kwaliteitsvoorwaarden hangen af van het organiserend bestuur van de lokale dienst:

1. Een lokale dienst van een organiserend bestuur van een erkend kinderdagverblijf of initiatief voor buitenschoolse opvang (IBO)

2. Een lokale dienst gegroeid uit een BND-project

Deze lokale dienst moet  voldoen aan de voorwaarden voor een attest van toezicht zoals bepaald in het Ministerieel besluit van 24 april 2009 houdende de regeling van het attest van toezicht voor zelfstandige opvangvoorzieningen. PDF  (36 kb)
Voor deze lokale diensten vind je uitgebreide informatie over kwaliteit op deze website bij de zelfstandige kinderdagverblijven.

Veiligheid en gezondheid

Lokale diensten voeren een beleid inzake veiligheid en gezondheid dat ertoe leidt dat:

  1. de fysieke en psychische veiligheid van de kinderen niet in het gedrang komt;

  2. er een crisisprocedure is. Dat is een procedure die de opeenvolgende stappen en de wijze van communicatie vastlegt die een lokale dienst moet volgen als er zich een gevaarsituatie voordoet in de lokale dienst. Er is sprake van een gevaarsituatie als de fysieke of psychische integriteit van een kind dat gebruikmaakt van een lokale dienst, in gevaar is of zou kunnen zijn;

  3. elke gevaarsituatie die zich voordoet in de opvang, zo snel mogelijk gemeld wordt aan Kind en Gezin; 

  4. er maatregelen zijn om te voorkomen dat iemand de opvanglokalen en de buitenruimte ongemerkt binnenkomt of verlaat. 

    Meer info crisisbeleid en gevaar

Brandveiligheid



Top
 

Voorwaarden voor een toegankelijke werking

De lokale dienst: 

Nuttige info vind je in de handleiding van VBJK, ‘Kinderopvang met sociale functie. Een plaats waar kinderen, ouders, medewerkers en buurt elkaar ontmoeten’. Meer info: website van VBJK.



Top
 

Voorwaarden voor de financiële bijdrage van de gezinnen in het kader van een toegankelijke werking

De lokale dienst informeert de gezinnen over de mogelijkheid van het toekennen van een sociaal tarief. Ze gebruikt procedures voor de regeling inzake financiële bijdragen van de gezinnen die aangepast zijn aan de doelgroep. 

Lokale dienst voorschoolse opvang

Lokale dienst buitenschoolse opvang



Top
 

Voorwaarden voor het personeel

Algemeen

In een lokale dienst werken geschoolde begeleiders en doelgroepwerknemers samen voor de begeleiding van de kinderen:

Geschoolde begeleider

  • Een geschoolde begeleider heeft een attest, een eindstudiebewijs of diploma van een door de minister erkende opleiding: 

  • Er is steeds één geschoolde begeleider aanwezig per begonnen schijf van:

    •  7 aanwezige kinderen tot de leeftijd van 18 maanden

    • 10 aanwezige kinderen ouder dan 18 maanden tot ze naar school gaan

    • 14 aanwezige schoolgaande kinderen

Leidinggevende

Doelgroepwerknemer

1. Kwalificatievereisten

De nieuw aan te werven doelgroepwerknemers in het Vlaams gewest moeten:

  1. geslaagd zijn in de door de VDAB georganiseerd voorselectie waarbij wordt nagegaan of de kandidaat:

    - wil werken met kinderen
    - het groeipotentieel heeft, om na opleiding en begeleiding, te beantwoorden aan het beroepsprofiel
    begeleider in de kinderopvang of begeleider buitenschoolse opvang, zoals opgesteld door de SERV.

  2. een opleidingstraject volgen:

    - Binnen de twee jaar na indiensttreding moet de doelgroepwerknemer starten met een kwalificerende opleiding. 
    - Binnen de zes jaar na indiensttreding moet de doelgroepwerknemer een door de minister goedgekeurd kwalificatieattest hebben.

    De kwalificatiebewijzen die op dit moment gelden:
    - voor dagopvang van baby's en peuters PDF  (40 kb)
    - voor buitenschoolse opvang PDF  (40 kb).

2. Voorwaarden om in het Vlaams Gewest in aanmerking te komen voor de loon- en omkaderingspremies vanuit sociale economie

Een doelgroepwerknemer is langdurig uitkeringsgerechtigde werkloze (of gelijkgesteld) die bij zijn indiensttreding niet in het bezit is van een diploma of getuigschrift van het hoger secundair onderwijs. Dergelijke werknemers worden ook werknemers met een SINE profiel genoemd.

3. Voorwaarden om in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest in aanmerking te komen voor de geco of DSP-premie

Deze voorwaarden vind je in dit document PDF  (42 kb).



Top
 

Subsidies en betalingen

Een aanvullende subsidie voor een deel van de loonkosten van doelgroepwerknemers

Deze aanvullende subsidie bedraagt maximaal (2008) 15.268,50 euro (2009) 16001,39 euro per lokale dienst met 2 voltijdsequivalenten doelgroepwerknemers.

Het bedrag wordt verhoudingsgewijs verlaagd als er minder doelgroepwerknemers worden tewerkgesteld.

Enkel voor voorzieningen uit het Vlaams Gewest: een bijkomende subsidie van Sociale Economie

Een deel van de subsidies voor voorzieningen in het Vlaams Gewest is afkomstig van de Vlaamse minister bevoegd voor sociale economie. Deze is niet bevoegd om Brusselse voorzieningen te subsidiëren.

Lokale diensteneconomie

Een voorziening in het Vlaams Gewest kan aanspraak maken op twee soorten subsidies vanuit de lokale diensteneconomie.  Ze worden uitbetaald door het Vlaams Subsidieagentschap Werk en Sociale Economie: 
- een loonpremie. Deze bedraagt voor 1 voltijds tewerkgestelde doelgroepwerknemer maximaal 8000 euro (vanaf oktober 2008) 8489,64 euro op jaarbasis.
- een omkaderingspremie. Deze premie wordt toegekend per lokale dienst en hangt niet af van het aantal doelgroepwerknemers dat men in dienst heeft. Ze bedraagt op jaarbasis maximaal 12.000 euro (vanaf oktober 2008) 12734,47 euro.

Voorwaarden

Om deze subsidies te krijgen moeten de voorzieningen uit het Vlaams Gewest:

Federale verminderingen en tegemoetkomingen in de loonkost

Meer info vind je bij RVA .

Werkgevers van doelgroepmedewerkers kunnen recht hebben op een specifieke SINE vermindering van de werkgeversbijdragen voor de sociale zekerheid (telefoneer naar RSZ 02 509 31 11 of RSZ PPO 02 234 32 11)

Voor de doelgroepwerknemers kan een werkgever ook een financiële tegemoetkoming van de RVA in het nettoloon krijgen.

Om recht te hebben op deze RSZ vermindering en de financiële tegemoetkoming in het netto loon moet je als werkgever beschikken over een attest waaruit blijkt dat je in aanmerking komt als SINE werkgever. Dit attest (SINE - werkgever) moet je aanvragen bij:

Algemene Directie Werkgelegenheid en Arbeidsmarkt van de Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid
Ernest Blerotstraat 1, 1070 Brussel 
Telefoon: 02 233 47 24

Daarnaast dien je, zowel bij de aanwerving als maandelijks tijdens de tewerkstelling een aantal formaliteiten te vervullen voor de RVA.



Top
 



Top
 

Combinatie met andere acties voor flexibele en occasionele opvang

Erkende kinderdagverblijven kunnen hun aanvraag om een lokale dienst voor buurtgerichte opvang toegestemd te krijgen combineren met:

Initiatieven voor buitenschoolse opvang kunnen hun aanvraag om een lokale dienst voor buurtgerichte opvang toegestemd te krijgen combineren met:

  • een erkenning als gemandateerde voorziening

  • een toestemming voor urenpakketten voor flexibele opvang

  • een toestemming voor occasionele opvangplaatsen



Top
 

Registratie

De lokale dienst registreert de activiteiten en de bereikte doelgroep.

 

 



Top
 

Hoe stel ik me kandidaat?

Aanvraagformulier nieuwe lokale dienst

Aanvraagformulier uitbreiding aantal plaatsen lokale dienst

Aanvraagformulier uitbreiding doelgroepwerknemers (SINE's) in je bestaande lokale dienst

Je kan je kandidaat stellen om een uitbreiding te krijgen van het aantal SINE-doelgroepwerknemers in je bestaande lokale dienst voor buurtgerichte opvang met  

Het aanvraagformulier erkenning lokale dienst Sociale Economie Word  (263 kb)

De handleiding voor het formulier lokale dienst Sociale Economie PDF  (100 kb) 

Vermeld aub duidelijk bij je aanvraag tot uitbreiding om welk soort vraag  het gaat:
-een aanvraag tot uitbreiding van plaatsen en/of
-een aanvraag tot uitbreiding van SINE's in een bestaande lokale dienst.

Kind en Gezin maakt je ingevulde aanvraagformulier erkenning lokale dienst Sociale Economie over aan het Vlaams Agentschap voor werk en sociale economie. 

Advies lokaal bestuur

Kind en Gezin vraagt zelf een advies aan het lokaal bestuur, zowel voor nieuw toe te kennen lokale diensten als voor uitbreidingen van plaatsen in bestaande lokale diensten. Verwittig zeker de verantwoordelijke schepen en voorzitter van het Lokaal Overleg zo snel mogelijk indien je een aanvraag wenst te doen.



Top
 

Hoe en wanneer wordt beslist over de aanvraag?

Geldige aanvraag

Je aanvraag wordt enkel in overweging genomen als ze:

  • tijdig ingediend is per post

  • ontvankelijk is, dat wil zeggen dat alle vragen beantwoord zijn en dat alle gevraagde stukken meegestuurd zijn.

Indien je aanvraag niet ontvankelijk is, zal Kind en Gezin je binnen 15 dagen hierover informeren. Je hebt in principe 30 dagen tijd om de aanvraag te vervolledigen, maar je reageert best zo vlug mogelijk want Kind en Gezin zou graag zo snel mogelijk beslissen over de toekenningen.

Beslissing

Kind en Gezin gebruikt voor de lokale diensten een beslissingsprocedure in 2 stappen:

  1. Eerst wordt een beslissing genomen over het verlenen van toestemming tot het organiseren van een lokale dienst.

    Voor de nieuwe lokale diensten in het Vlaamse Gewest vraagt Kind en Gezin ook een advies aan het Vlaams Subsidieagentschap Werk en Sociale Economie. Het Subsidieagentschap laat zich hierbij adviseren door het
    het Forum Lokaal Werkgelegenheidsbeleid.

    Nadat het Subsidieagentschap je aanvraag heeft ontvangen, brengt het een gemotiveerd opportuniteitsadvies uit aan Kind en Gezin. Bij een negatief advies kom je niet in aanmerking voor toestemming. Kind en Gezin informeert je hierover.

  2. Bij een positief advies wordt het nog niet beoordeelde deel van je aanvraag beoordeeld door Kind en Gezin.

    De beslissing over de toestemming valt ten laatste 93 dagen na ontvangst van de aanvraag. Een toestemming legt de capaciteit vast van de lokale dienst en de vroegste startdatum van de subsidiëring.

Eens positief beslist over de toestemming

  • Binnen de drie maanden nadat de werking als lokale dienst is opgestart dien je een aanvraag in tot subsidiëring aan de hand van dit aanvraagformulier dat na de toestemmingsbeslissing hier beschikbaar zal zijn. 

  • Binnen een periode van 60 dagen na de ontvangstmelding van de aanvraag tot subsidiëring wordt een onderzoek ter plaatse verricht, door de personeelsleden van het agentschap Inspectie Welzijn, Volksgezondheid en Gezin en wordt het inspectieverslag overgemaakt aan Kind en Gezin. Uiterlijk 60 dagen na ontvangst van het inspectieverslag beslist Kind en Gezin over de toekenning van de subsidiëring.

Je vindt het volledige beslissingskader in deze nota. PDF  (26 kb)



Top
 

Regelgeving



Top
 

Mogelijke vormingen en opleidingen



Top
 

FAQ

Wat zijn de voorwaarden en subsidies voor de doelgroepwerknemers?
Ik ontvang FCUD-subsidies voor het aanbod in een IBO, kom ik dan nog in aanmerking voor het oprichten van een lokale dienst voor buurtgerichte kinderopvang?
Hoeveel uren en dagen moet ik open zijn om de volledige forfaitaire subsidie per plaats te verkrijgen?
Moeten de doelgroepwerknemers ook voldoen aan de kwalificatievereisten voor begeleiders?
Hoeveel zekerheid heb ik dat ik eenmaal een toestemming als lokale dienst verkregen heb, ik ook effectief in aanmerking kom voor subsidiering?
Waarover oordeelt het subsidieagentschap?
Wat is het forum werkgelegenheidsbeleid?
Waar vind ik info over buurtgerichte kinderopvang en participatief werken?
Waar vind ik info over het personeelsbeleid waar geschoolde begeleiders en doelgroepwerknemers samen werken?
Wat zijn de kwalificatieattesten voor doelgroepwerknemers?
Kan Kind en Gezin ook een toestemming geven aan een lokale dienst voor buurtgerichte kinderopvang in het Vlaamse Gewest zonder positief advies vanuit Sociale Economie?
Kan ik ook een lokale dienst buurtgerichte kinderopvang realiseren met toestemming maar zonder subsidies van Kind en Gezin?
Welke voorwaarden inzake brandveiligheid zijn van toepassing in een lokale dienst?


Top
 
Verstuur naar een vriend (nieuw venster) Dit venster afdrukken