De ingrediënten zijn altijd afgestemd op de behoeften van je baby, op zijn groei, zijn omgeving en zijn afweersysteem. Moedermelk is een "levende melk": ze bevat afweerstoffen die je baby beschermen tegen infecties. Daarnaast bevat moedermelk veel voedingsstoffen zoals eiwitten, koolhydraten, vetten, vitamines en mineralen.
Vlak na de geboorte (dag 1 tot dag 5) geven je borsten een gelige, stroperige vloeistof af. Die vloeistof heet colostrum. Colostrum bevat heel veel eiwitten, vitamines en mineralen. Het bevat ook veel antistoffen die je baby beschermen tegen infecties. Is je baby te vroeg geboren, dan bevat de moedermelk meer eiwitten en meer beschermende stoffen.
De samenstelling van moedermelk verschilt van vrouw tot vrouw, van dag tot dag, van het ene moment van de dag tot het andere en verandert zelfs in de loop van de voeding.
Geleidelijk aan gaat colostrum over in rijpe moedermelk. Dit gebeurt een aantal weken na de geboorte. De samenstelling ervan varieert in de loop van de dag en volgens de leeftijd van het kind. Rijpe moedermelk bevat meer vetten en suikers en minder eiwitten dan colostrum. Hoewel de hoeveelheid antistoffen nu lager is dan in het colostrum, blijft de beschermende werking van belang.
Leg je je baby aan, dan drinkt hij eerst voormelk. Deze melk wordt tussen de voedingsbeurten opgeslagen in de melkkanaaltjes en de melkkliertjes. Voormelk is licht. Ze bevat weinig vet en weinig calorieën, want de vetten hebben tijd gehad om zich vast te hechten aan de wanden. Voormelk is wel suikerrijk. Voormelk bevat veel vocht en is een dorstlesser. Voormelk komt vooral uit de borst die eerst gegeven wordt. Terwijl je baby aan de ene borst drinkt, wordt in de andere borst de voormelk al vermengd met de achtermelk.
Drinkt je baby aan de borst, dan komt er oxytocine vrij in jouw hersenen. Dit hormoon laat de melkkliertjes samentrekken. Nu persen ze 'verse' melk door de melkkanaaltjes naar de tepel (= toeschiet- of loslaatreflex). Dankzij het toeschietreflex wordt de melk doorheen de kanaaltjes gestuurd. Tijdens de voeding komt de toeschietreflex verschillende keren voor (vaak wordt echter enkel de eerste gevoeld) en hoe leger de borst hoe vetter de melk. De aangehechte vetten komen vrij en mengen zich met de moedermelk. De voormelk zal geleidelijk overgaan naar de vettere achtermelk. Achtermelk is de melk die je baby aan het einde van de voeding krijgt. Achtermelk is vetrijker dan voormelk. Om die achtermelk te krijgen, moet je baby krachtig en voldoende lang drinken. De achtermelk helpt de baby groeien.