Brussel

Voor Brussel zijn er specifieke bepalingen.

Bevoegdheid van Kind en Gezin

Natuurlijke personen

Een natuurlijke persoon die kinderopvang organiseert in het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad, kan kiezen of hij of zij een vergunning bij Kind en Gezin aanvraagt of niet. Omdat het decreet niet verplicht van toepassing is op natuurlijke personen hebben zij de vrije keuze tussen Kind en Gezin of ONE (l’Office de la Naissance et de l’ Enfance).

Natuurlijke personen die een vergunning aanvragen bij Kind en Gezin, moeten aan de voorwaarden voldoen. Zo moet er minstens één kinderbegeleider en een verantwoordelijke de actieve kennis van de Nederlandse taal hebben. Hiervoor komt er een overgangsregeling.
 
Instellingen

Volgens de Belgische grondwet hebben de decreten van de gemeenschappen in het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad kracht van wet voor instellingen die door hun organisatie uitsluitend tot die gemeenschap behoren. Dit betekent dat het decreet Kinderopvang van toepassing is op uitsluitend Nederlandstalig georganiseerde instellingen.

  • De Nederlandstalige organisatie kan blijken uit de statuten, de taal waarin interne documenten worden opgesteld, de taal waarin men bijvoorbeeld bepaalde lokalen aanduidt, …
  • Opgelet! Het gaat niet over de taal of talen die met de kinderen gesproken wordt. De Grondwet voorziet immers vrijheid van taalgebruik.

Uitsluitend Nederlandstalig georganiseerde kinderopvang door instellingen valt onder de Vlaamse Gemeenschap, dus Kind en Gezin.

Uitsluitend Franstalig georganiseerde kinderopvang door instellingen valt onder de Franstalige gemeenschap, dus ONE (l’Office de la Naissance et de l’ Enfance).
 

Transitieplan in samenwerking met ONE

In opdracht van de minister Jo Vandeurzen en minister Jean-Marc Nollet hebben Kind en Gezin en ONE een transitieplan uitgewerkt om kwaliteitsvolle opvang in Brussel zo maximaal mogelijk te behouden.

Het doel is dat elke opvang onder het toezicht valt van de gemeenschap waar zij thuishoort: de Vlaamse gemeenschap (Kind en Gezin) of de Franstalige (ONE).

  • Uitsluitend Nederlandstalig georganiseerde kinderopvang

    • Al wie beroepsmatig en tegen betaling kinderen opvangt, moet in de toekomst een vergunning van Kind en Gezin hebben. Als een kinderopvang geen vergunning (meer) heeft, dan moet die voorziening sluiten. Er kunnen ook boetes worden opgelegd aan een organisator van kinderopvang zonder vergunning.
    • Heb je een attest van toezicht, dan zal Kind en Gezin dit automatisch omzetten naar een vergunning. Na een overgangsperiode, moet jouw opvang voldoen aan alle vergunningsvoorwaarden. Inspectie zal dit via een opvolgingsonderzoek nagaan. Als blijkt dat de opvang niet aan de vergunningsvoorwaarden voldoet, dan kan Kind en Gezin de vergunning wijzigen, schorsen of intrekken.
    • Is je opvang enkel gemeld bij Kind en Gezin, dan moet je:
      • ofwel voor 31 december 2014 een vergunning aanvragen en daartoe aan de voorwaarden voldoen.
      • ofwel stoppen.

  • Uitsluitend Franstalig georganiseerde kinderopvang

    • Heb je een attest van toezicht van Kind en Gezin dat minstens geldig is tot 1 april 2014, en is je voorziening nooit het voorwerp geweest van een intrekking of weigering van een vergunning van ONE, dan kan je overstappen naar ONE. Deze overstap kan vanaf 1 april 2014 tot uiterlijk 31 december 2017. De mogelijkheid om over te stappen naar ONE geldt ook voor voorzieningen met een attest van toezicht dat is ingetrokken enkel en alleen op basis van een gebrek aan bewijs van Nederlandse taalkennis voor de verantwoordelijke. Bij een overstap gelden overgangsmaatregelen op vlak van kwalificaties, infrastructuur en uitrusting. Kind en Gezin zal je attest van toezicht automatisch omzetten naar een vergunning. Na een overgangsperiode, moet jouw opvang voldoen aan alle vergunningsvoorwaarden. Inspectie zal dit via een opvolgingsonderzoek nagaan. Als blijkt dat de opvang niet aan de vergunningsvoorwaarden voldoet, dan kan Kind en Gezin de vergunning wijzigen, schorsen of intrekken.
    • Is je opvang enkel gemeld bij Kind en Gezin dan moet je je tot ONE richten en voldoen aan de voorwaarden van ONE.
      Begin december 2013 organiseerden powerpoint Kind en Gezin (2MB) en powerpoint ONE gezamenlijke infosessies voor alle zelfstandige Brusselse opvangvoorzieningen.
    • Voor meer informatie over de gevolgen voor jouw dossier: neem contact op met je klantenbeheerder in de provinciale afdeling Vlaams-Brabant en Brussel op het algemeen nummer: 016 21 05 11.

Voor meer informatie over de regelgeving en mogelijkheden tot overstap naar ONE

  • Département Acceuil
    Acceuil 0-3 ans
    Eddy Gilson
    Chaussée de Charleroi 95
    1060 Bruxelles
    Tel: 02 542 15 96
    E-mail: guichet@infone.be

  • Administration sub-régionale Bruxelles
    Dominique Fievez
    Boulevard Louis Schmidt 87
    1040 Etterbeek
    Tel: 02 511 47 51
    E-mail: asr.bruxelles@one.be

Gedeeltelijke voorrang aan Nederlandstalige ouders

Krijgt de opvang in het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad een subsidie voor kinderopvang met een inkomenstarief (prijs op basis van het inkomen), dan moet deze opvang voorrang geven aan kinderen waarvan minstens één ouder het Nederlands voldoende machtig is.

Deze voorrang is mogelijk tot maximum 55% van de vergunde opvangplaatsen. De opvang kan vrij kiezen om deze voorrangsregel toe te passen op een lager percentage van de opvangplaatsen.

Om van deze voorrangsregel gebruik te kunnen maken, toont de ouder op één van volgende wijzen aan dat hij het Nederlands in voldoende mate machtig is:
1° door het voorleggen van minstens het Nederlandstalig diploma van secundair onderwijs of daarmee gelijkwaardig Nederlandstalig studiebewijs;
2° door het voorleggen van het Nederlandstalig studiegetuigschrift van het tweede leer­jaar van de derde graad van het secundair onderwijs of daarmee gelijkwaardig Neder­landstalig studiebewijs;
3° door het voorleggen van het bewijs dat hij het Nederlands beheerst minstens op niveau B1 van het Gemeenschappelijk Europees Referentiekader voor Talen. Dit gebeurt op basis van één van volgende stukken:
a) een studiebewijs van door de Gemeenschap erkend, gefinancierd of gesubsidieerd onderwijs of een daarmee gelijkwaardig Nederlandstalig studiebewijs, dat het vereiste niveau van kennis van het Nederlands aantoont;
b) een attest van niveaubepaling uitgevoerd door een Huis van het Nederlands dat het vereiste niveau van kennis van het Nederlands aantoont;
4° door het voorleggen van het bewijs van voldoende kennis van het Nederlands na het afleggen van een taalexamen bij het Selectiebureau van de Federale Overheid;
5° door het voorleggen van het bewijs dat hij 9 jaar als regelmatige leerling onderwijs heeft gevolgd in het Nederlandstalige lager én secundair onderwijs. Dit gebeurt op basis van attesten daartoe uitgereikt door de betrokken schoolbesturen.

De Vlaamse Regering bepaalt de verdere concrete regels hiervoor, zoals de manier waarop dit gemeten zal worden.

Opdrachten van het lokaal bestuur

Voor de gemeenten uit het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad worden de decretale opdrachten van het lokaal bestuur opgenomen door de Vlaamse Gemeenschapscommissie. Dit betekent dat het lokaal overleg en de lokale regie van de Nederlandstalige kinderopvang aangestuurd wordt door de Vlaamse Gemeenschapscommissie.

Aan Franstalige kant zijn het wel de Brusselse gemeenten zelf die een belangrijke rol spelen in de lokale regie van de kinderopvang. Daarom zullen Kind en Gezin en ONE een gezamenlijke infovergadering houden voor de Brusselse lokale besturen op donderdag 13 februari 2014.

Lokaal Loket Kinderopvang

Het Lokaal Loket Kinderopvang in Brussel wordt georganiseerd door de vzw Samenwerken aan kinderopvang Brussel. De vzw werd opgericht vanuit het lokaal overleg kinderopvang (adviesraad gezin VGC) door tien organiserende besturen van Nederlandstalige kinderopvang in Brussel.

Kernaspecten van het lokaal loket zijn een centraal registratiesysteem voor opvangvragen (de Brusselse kinderopvangzoeker) en gezamenlijke afspraken in functie van een evenwichtig opnamebeleid tussen alle Nederlandstalige opvanginitiatieven.

Het centraal registratiesysteem zal instaan voor de coördinatie van de opvangvragen en de voorkeur van gezinnen. Gezinnen met een vraag naar Nederlandstalige kinderopvang moeten slechts één keer hun vraag registreren. Het lokaal loket zal deze gezinnen binnen een redelijke termijn informeren over beschikbare opvangplaatsen en hen zo nodig in contact brengen met opvanglocaties, met aandacht voor maatschappelijk kwetsbare gezinnen. Hiervoor wordt samengewerkt met alle kinderopvanginitiatieven en andere relevante partners en instanties. Tegelijk wil het lokaal loket zowel inhoudelijk als technisch ondersteuning bieden aan opvanginitiatieven en samenwerkingsverbanden in het werken aan een evenwichtig opnamebeleid en een kwaliteitsvolle opvang.

Het centraal registratiesysteem is in ontwikkeling en zal proefdraaien in het voorjaar 2014. Daarna wordt het systeem, ingebed in het Lokaal Loket Kinderopvang, uitgebreid naar het hele tweetalig gebied Brussel-Hoofdstad.

Meer informatie vind je op de website www.opgroeieninbrussel.be (vanaf februari 2014).

Meer weten over de veranderingen