Omgaan met angsten: tips


De angst van het kind ernstig nemen

Het is belangrijk om de angst van het kind ernstig te nemen en niet weg te lachen. Kinderen moeten voelen dat ze bang mogen zijn. Ze zijn ook echt angstig, daar is niets flauws aan. Uitspraken als ‘Stel je niet aan!’ helpen een kind niet om met zijn angst te leren omgaan. Het gevoel van veiligheid dat een kind kwijt is, moet opnieuw worden opgebouwd.

Een kind heeft het nodig om getroost te worden. Het moet worden gerustgesteld. Een opmerking als ‘Iedereen is wel eens bang’ kan een kind helpen.

Erover praten met het kind

Over angsten praten met een kind is een eerste stap. Door naar het verhaal van het kind te luisteren, krijg je een beter zicht op de angst. Waarom is het kind bang? Wat voelt het precies? Kleine kinderen hebben vaak de hulp van hun ouders nodig om hun angsten te verwoorden.

Angst kunnen kinderen ook uiten in hun spel of in hun tekeningen, en dat kan dan een aanknopingspunt vormen om erover te praten. Praten over angsten kan het best overdag plaatsvinden. ’s Avonds of ’s nachts over angsten praten kan immers tot nieuwe angstige gedachten leiden.

Het kind de angst helpen overwinnen in kleine stapjes

Het is zeker niet raadzaam om een kind te dwingen door de angst heen te bijten. Het voelt zich op die manier niet beschermd en zal vaak nog angstiger worden.

Je kan een kind geleidelijk ervaringen aanbieden waardoor zijn angst zal afnemen. De ervaring kan opgedeeld worden in kleine stapjes. Wanneer het kind bijvoorbeeld bang is voor een dier, kan je eerst samen boekjes over dieren lezen. Dan kan je eens naar een kinderboerderij gaan om samen dieren te bekijken en bij het volgende bezoek wil het kind het dier misschien al eens aaien.

Wanneer het kind bang blijft, is het toch belangrijk om de situatie niet te vermijden. Dan wordt de angstdrempel nog hoger. Een mogelijke hulp voor het kind is om het te laten tellen hoeveel tellen het bang durft te zijn.
Bijvoorbeeld: ‘Twee tellen, flink hoor! Jij kan twee tellen bang zijn!’

Het kind hulp bieden

Een kind een knuffel geven als het angstig is, troosten wanneer het overstuur is, … zal het deugd doen. Als het kind weet dat het altijd op jou kan rekenen, zal zijn gevoel van veiligheid vergroten.

  • Wanneer een kind bv. bang is in het donker, kan een nachtlichtje helpen.
  • Ook als jij nog even in zijn buurt blijft rommelen, kan de angst verminderen.

Het kind informatie geven

Een goed hulpmiddel bij het overwinnen van angst is het geven van informatie aan een kind. Dit neemt heel wat onzekerheid weg.

  • Als een kind van 12 maanden last heeft van sterke scheidingsangst, kan je bijvoorbeeld voordat je weggaat vertellen waar je naartoe gaat en wanneer je het komt ophalen.
  • Je kan het kind ook anderen laten observeren of wat uitleg geven. Als het kind bijvoorbeeld bang is om een poes te aaien, kan je de poes zelf aaien en zeggen: ‘Kijk, de poes vindt het fijn dat ik ze aai.’
  • Het lezen van sprookjes of kinderboekjes over bijvoorbeeld “bang zijn in het donker” kan heel goed helpen.
  • Samen de situatie die angst inboezemt eens naspelen kan het kind houvast bieden, bv. voor een doktersbezoek samen doktertje spelen.

Het kind leren dat angst ook voorbijgaat

Je kan een kind leren om voor zijn angsten zelf oplossingen te vinden. Als een kind bv. bang is in het donker, kan je het eerst leren om het licht aan te steken.

Gelukkig hebben kinderen ook heel wat mogelijkheden om zelf hun angsten de baas te blijven, bv. door troost te zoeken bij een vertrouwde knuffel.

Als je weet hoe een kind in een bepaalde situatie zijn angst onder controle weet te houden, kan het misschien helpen om dit hulpmiddeltje ook in een andere situatie te gebruiken.

Het kind over zijn scheidingsangst heen helpen

Thuis

Scheidingsangst kan worden verminderd wanneer de ouder niet fysiek aanwezig is in dezelfde kamer, maar wel bv. in de kamer ernaast. Nog wat rommelen, zingen,... helpt een kind over zijn angst heen: het merkt dat er toch nog iemand in de buurt is.

Tip: Kiekeboespelletjes leren een kind dat als het iemand even niet ziet, die persoon er toch nog is én ook weer terugkomt.

In de opvang of bij de oppas

Het is belangrijk als ouder dat je niet toegeeft aan die angsten van het kind en dat je het kind nog met een gerust hart kunt achterlaten.

  • Probeer duidelijk afscheid van je kind te nemen. Hoe klein het nog is, vertel waar je naartoe gaat en dat je straks terugkomt.
  • Kordaat zijn maakt het afscheid draaglijker. Blijf niet treuzelen bij het afscheid. Ook al ben je zelf van streek, je kind heeft jouw vertrouwen nodig om met het afscheid om te kunnen gaan.
  • Een dikke knuffel van jou en eventueel een knuffeltje van je kind kan helpen als troost. Meestal zal je kind na korte tijd vanzelf ophouden met wenen.

Tip: Je kan bij de oppas elke keer iets langer wegblijven, zodat het kind stapsgewijs leert om gescheiden te zijn.