Huilen
Huilen is voor een kind een manier om te communiceren, om te laten merken dat hij iemand nodig heeft. Door te huilen vertelt een baby dat hij honger heeft of geknuffeld wil worden. Een peuter kan huilen uit pure frustratie of uit verveling. Meestal is het vrij snel duidelijk welke boodschap een huilend kind wil geven en is het snel getroost. Bij sommige ’kinderen is het moeilijker te achterhalen wat er scheelt. Niets lijkt te helpen. Toch is er geen reden tot paniek. Want één ding staat vast: huilen gaat over en soms nog snel ook.
Huiltijden bij baby's
topHuilen bij baby’s vindt meestal gebundeld plaats, tijdens de zogenoemde huiluurtjes, meestal in de late namiddag en tijdens de avond. Het aantal uren dat hij huilt, verschilt van kind tot kind, maar is ook leeftijdsgebonden. Rond 6 weken is er een huilpiek: dan huilt een baby gemiddeld tweeënhalf uur per dag. Na de derde maand vermindert bij de meeste baby’s het huilen tot gemiddeld anderhalf uur per dag. Dat blijft dan zo gedurende de rest van het eerste jaar.
De gemiddelde huil-, slaap- en wakkere tijden van een baby:
| 0-2 weken | 30-45 min. wakker per keer 2-3 u. slapen per keer 6-8 voedingen per 24u. 1-1,5 u. huilen per dag |
| 2-6 weken | 45-60 min. wakker per keer 2-3 u. slapen per keer 6-8 voedingen per 24 u. 2-2,5 u. huilen per dag |
| 7-12 weken | 60-75 min. wakker per keer 2-3 u. slapen per keer 5-6 voedingen per 24 u. 2 u. huilen per dag |
| 3 - 5 maanden | 1,5 u. wakker per keer 2 u. slapen per keer 5 voedingen per 24 u. 1-1,5 u. huilen per dag |
Overmatig huilgedrag
topOvermatig huilgedrag
- Ongeveer 10 tot 30% van de zuigelingen onder de 4 maanden huilen overmatig.
- Het krachtiger huilen is een uitzonderlijke situatie in het normale huilpatroon dat elke baby kent tijdens de eerste 3 à 4 maanden, met een piek rond 6 weken.
- Overmatig huilen kan zowel bij borstvoeding als bij flesvoeding voorkomen. Bij borstvoeding ervaart de ouder het minder vaak als een probleem.
- Meestal verdwijnt het overmatig huilgedrag spontaan op 4 à 5 maanden.
Als je zenuwen op springen staan...
Een baby stelt de ouder of begeleider soms echt op de proef. Het kan gebeuren dat iemand op een moment van frustratie, vermoeidheid of woede de baby door elkaar wil schudden.
Schud de baby nooit! Velen realiseren zich niet hoeveel schade dit kan berokkenen.
Adem diep in en langzaam weer uit.
Leg de baby op een veilige plek. Ga even in een andere kamer zitten. Zet misschien een kopje koffie of thee, kijk wat tv of luister naar de radio om je gedachten te verzetten. Ga terug naar de baby wanneer je je rustiger voelt.
Wacht niet tot je er hopeloos van wordt en vraag een familielid of vriend(in) om even op de baby te passen terwijl je gaat wandelen, winkelen, …
Word niet kwaad op de baby. Dit maakt het huilen alleen maar erger.
Vertel aan een vertrouwenspersoon hoe je je voelt of zoek steun bij mensen die hetzelfde meegemaakt hebben. Praat met een arts of regioverpleegkundige over de spanningen rond de ‘huilbaby’. Met behulp van een huildagboek kan het huilpatroon van de baby in beeld gebracht worden.
Opgelet!
Lijkt het huilen, om welke reden ook, abnormaal, raadpleeg dan de arts of regioverpleegkundige.
