Fluoride
Fluoride beschermt de tanden tegen tandbederf.
Eet je suiker, dan volgt er een zuurstoot die je tandglazuur aantast. Als er fluoride in het speeksel en in de tandplaque is, lossen de mineralen uit het tandglazuur minder snel op. Fluoride bevordert ook de remineralisatie. Fluoride is vooral plaatselijk werkzaam, daarom is het raadzaam elke dag een beetje fluoride op te lossen in het speeksel en dit door te poetsen met een fluoridehoudene tandpasta. Om de tanden te beschermen tegen tandbederf is slecht een kleine hoeveelheid fluoride voldoende.
Zowel bij borstvoeding als bij flesvoeding is de hoeveelheid fluor voldoende tijdens de eerste levensmaanden. In de eerste twee jaren na de doorbraak van de tanden is het belangrijk om al goed te poetsen met fluoridehoudende tandpasta. In die periode wordt het glazuur definitief opgebouwd, maar bederft het ook veel makkelijker.
Extra fluoride onder de vorm van druppels of tabletjes wordt afgeraden, tenzij op medische indicatie.
Fluorisis
Een te grote hoeveelheid fluor kan schadelijk zijn en kan fluorisis veroorzaken, dit zijn witte krijtstrepen op de tanden. Een kind kan de tandpasta in zijn mond minder goed verdunnen dan een volwassene en slikt vaak een groot deel van de tandpasta in. Zo neemt het een ruime hoeveelheid fluoride op.
Gebruik voor kinderen tot 2 jaar een erwtje tandpasta met een fluoridegehalte van 500 tot 1000 ppm. Vanaf 2 jaar tot en met 6 jaar wordt dit een erwtje tandpasta met 1000 tot 1450 ppm.
Sommige soorten mineraalwater bevatten hogere fluoridegehaltes (zie etiket). Is dat hoger dan 1 mg per liter of is het niet vermeld, gebruik het water dan niet voor flesvoeding.
