Soorten

Zuigelingenvoeding

top

Flesvoeding wordt geproduceerd op basis van koemelk of sojamelk. Hoewel de basis ongeschikt is voor baby's, voldoet de melk na een reeks aanpassingen aan de behoeften van baby's en aan de wettelijke Belgische en Europese normen. 

Kinderen krijgen dus bij voorkeur een aangepaste melkvoeding tot de leeftijd van 3 jaar. Het gaat dan om, in volgorde, startvoeding, opvolgvoeding en groeimelk. Het is immers vrijwel onmogelijk voor baby's en peuters om met uitsluitend gewone koemelk binnen de Europese en Belgische voedingsaanbevelingen betreffende eiwit-, ijzer- en vitamine D-iname te blijven.

Soorten

  • startvoeding (eersteleeftijdsmelk): vanaf de geboorte tot 6 maanden.

  • opvolgvoeding (tweedeleeftijdsmelk): voor kinderen vanaf 6 maanden, in combinatie met vaste voeding.

Schakel over van eersteleeftijdsmelk op opvolgvoeding van zodra dagelijks vaste voeding wordt bijgegeven, bij voorkeur vanaf 6 maanden. Verander op andere momenten niet van melk, tenzij er zich problemen voordoen.

  • dieetvoeding: voor baby's die geen gewone babyvoeding verdragen of om medische redenen geen gewone babyvoeding mogen drinken.

Opgelet!

Raadpleeg altijd een arts of regioverpleegkundige vooraleer van voeding te veranderen. Een aantal problemen hebben niet met voeding te maken.

  • groeimelk: tussen 12 en 18 maanden wordt overgeschakeld op groeimelk. Groeimelk is verrijkt met mineralen, vitaminen en essentiële vetzuren t.o.v. koemelk.

Geef bij voorkeur groeimelk die niet gezoet is en geen toegevoegde smaak bevat. Bij groeimelk met toegevoegde smaak kan een kindje namelijk de originele melksmaak verleren.


Te koop

  • in de apotheek: start-, opvolg- en dieetvoeding.

  • in de winkel: opvolgvoeding, groeimelk en soms ook startvoeding.


Kant-en-klare flesvoeding

Kant-en-klare flesvoeding is erg praktisch.

Bereidingsfouten zijn uitgesloten.  

Kant-en-klare flesvoeding heeft een beperkte houdbaarheid: controleer de houdbaarheidsdatum bij aankoop. Bewaar een geopende verpakking maximaal 24 uur gekoeld.

Kant-en-klare flesvoeding is iets duurder.


Andere melk of drank

top

Geschikt

  • Tot 12 à 18 maanden: start- of opvolgvoeding op basis van soja. Deze voeding is plantaardig en aangepast aan de behoeften van een baby. Er is ook groeimelk op basis van soja op de markt.

  • Gewone sojadranken en sojadesserten die verrijkt zijn met calcium mogen vanaf de leeftijd van 3 jaar gegeven worden.

  • Sommige natuurvoedingswinkels verkopen zuigelingenvoedingen die voldoen aan de normen. Vraag hierover advies aan de regioverpleegkundige.


Niet geschikt

Andere melksoorten voldoen niet aan de behoeften van een baby. Ze kunnen tot tekorten leiden. Bijvoorbeeld:

  • Gewone sojamelk die niet verrijkt is met calcium.

  • Notenmelk of rijst- en granendranken. Ze hebben een volledig andere samenstelling dan melk(voeding).

Gewone koemelk

Magere, halfvolle en volle koemelk zijn ongeschikt voor baby’s.

  • De vertering verloopt moeilijk.

  • Het teveel aan eiwitten belast de baby's nieren en kan tot zwaarlijvigheid leiden.

  • Koemelk bevat te weinig koolhydraten, ijzer, vitamines en essentiële vetzuren.

  • De baby krijgt te weinig energie binnen, waardoor zijn normale groei wordt verstoord.

Als ouders er toch voor kiezen om op de leeftijd van 12 à 18 maanden over te schakelen naar koemelk, moet het kind vitamine D-suppletie krijgen tot de leeftijd van 2 jaar. Bovendien is een evenwichtige vaste voeding, met aandacht voor beperkte eiwitinname noodzakelijk.

Gebruik tot de leeftijd van 4 jaar volle melkproducten.

Geeft men te veel melkproducten, dan heeft het kind geen zin meer in andere voedingsmiddelen. Zo ontstaat bv. ijzertekort.

Geitenmelk en paardenmelk

Deze producten zijn ongeschikt voor baby's, hun samenstelling wijkt nl. te sterk af van moedermelk en ze bevatten niet de juiste voedingsstoffen voor de groei en ontwikkeling van een baby.

  • Ook na toevoeging van calcium (kalk) en ijzer blijven deze melken minderwaardig aan moedermelk en zuigelingenvoeding. Ze kunnen leiden tot een tekort aan energie, vitamines, ijzer en essentiële vetzuren. 

  • De samenstelling van geitenmelk is ong. dezelfde als die van koemelk. Geitenmelk geeft vaak aanleiding tot bloedarmoede door haar zeer laag gehalte aan foliumzuur.

  • Paardenmelk heeft een lager eiwitgehalte, maar is heel vetarm.

Karnemelk en babeurre

Zowel karnemelk als babeurre kunnen tekorten aan noodzakelijke voedingsstoffen veroorzaken (bv. ijzer, vetten, vitamines, linolzuur).

  • Karnemelk is vetarm en levert dus weinig energie en vetgebonden vitamines (A, D, E, en K).

  • Babeurre (karnemelk met meel) bevat iets meer energie, maar toch nog te weinig.


Gebruiksovereenkomst Toegankelijkheidsverklaring

Vlaamse overheid