Haïti - zelfstandige adoptie

Het verdrag van Den Haag van 29 mei 1993 inzake de Bescherming van Kinderen en de Samenwerking op het gebied van Interlandelijke adoptie werd geratificeerd op 12 juni 2012 maar is momenteel nog niet in werking.

Bevoegde Centrale Autoriteit: 

IBESR (Institut de Bien-Etre Social et de Recherches) – valt onder Ministerie van Sociale Zaken
Mevr. Arielle Jeanty Villedrouin (directeur)
13 Avenue des Marguerites
Turgeau
Port-au-Prince
+50922452611 / +50922456474


Taken IBESR:
  • Toestemming geven aan een instelling om activiteiten op het vlak van nationale of internationale adoptie te mogen uitvoeren.
  • Accreditatie verlenen aan buitenlandse adoptiediensten 
  • Het ontvangen van de dossiers van kandidaat-adoptanten
  • Het voorstellen van een kind via de centrale autoriteit aan de kandidaat-adoptanten
  • Het voorstel tot adoptie doorgeven aan de rechtban
  • Toestemming geven aan het kind om het land te verlaten

Binnen IBESR zijn er twee diensten werkzaam op het vlak van adoptie: La Cellulle Multidisciplinaire en Le Service d’ Adoption.

De multidisciplinaire cel houdt zich bezig met het begeleiden van biologische ouders die hun kind wensen af te staan voor adoptie. De cel bestaat uit psychologen, sociaal werkers en advocaten. Ze onderzoeken en bepalen ook de adoptabiliteit van de kinderen waarvoor de ouders/voogd toestemming tot adoptie gaven. Ze beoordelen en begeleiden de binnenlandse kandidaat-adoptanten. 


Le Service d’ Adoption binnen IBESR staat in voor:
  • Het nakijken en beoordelen van de dossiers van de kandidaat-adoptanten.
  • Het opstellen van dossiers van adoptabele kinderen in samenwerking met de sociale dienst van de betrokken instelling.
  • De nodige formaliteiten vervullen om de geboorteakte van verlaten kinderen in orde te brengen.
  • Bij de vraag voor adoptie van buitenlandse kandidaten die in Haïti wonen maken ze een verslag op voor de centrale autoriteit van het land.
  • Aanbeveling tot adoptie doen aan de directeur-generaal die deze goedkeurt na matching en acceptatie door de kandidaat-adoptanten.
  • Het verzamelen, onderhouden en bewaren van gegevens over de origine van de kinderen.
  • Informatie verlenen over de situatie van het kind en de adoptanten aan de biologische familie, indien akkoord van de directeur-generaal.
  • Het opstellen van maandelijkse statistieken.
  • Toezicht houden op de post-adoptie opvolging.
(bron: Procédure administrative d’ adoption)


Wetgeving
Je kan de wetgeving van kracht op datum van het onderzoek steeds opvragen bij het VCA.


Kinderen in Haïti
Het land telt ongeveer 4 316 000 kinderen (onder de 18 jaar).
Unicef registreerde na de aardbeving 8780 kinderen gescheiden van hun ouders/familie. Ondertussen werden er al ongeveer 2770 herenigd met hun familie.
De nationale Haïtiaanse politie richtte de “Brigade de protection des mineurs” op. Sinds de aardbeving worden er aan verdachte “export”punten agenten geplaatst die in staan voor de screening van de kinderen die er passeren. Ze willen zo “child trafficking” tegengaan.
(bron: Unicef)

Kinderen die in aanmerking komen voor adoptie
Kinderen onder de 16 jaar:
  • Wezen
  • Verlaten verklaarde kinderen
  • Kinderen door hun ouders opgegeven voor adoptie
Minderjarigen die aan een tehuis worden toevertrouwd kunnen pas adoptabel verklaard worden na een onderzoek door de “Service des Oeuvres sociales” van het IBESR (om zeker te zijn dat het om verlaten kinderen gaat), na een zoektocht naar alternatieve oplossingen door de multidisciplinaire cel en na de toestemming van de biologische ouders (gegeven voor het Vredegerecht of bij de notaris).
In het geval het gaat om een verlaten kind waarvan de ouders ongekend zijn dient  “le Magistrat communal” toestemming tot adoptie te geven.
Indien het gaat om een wees dient de familieraad toestemming te geven.
Vanaf de leeftijd van 12 jaar wordt er rekening gehouden met de mening van het kind.
(bron: Procédure administrative d’ adoption art 26)


Voorwaarden kandidaat-adoptanten (Kandidaat-adoptanten moeten ook aan de Belgische wetgeving voldoen)
  • Minimum 35 jaar zijn
  • Alleenstaanden en gehuwde koppels komen in aanmerking
  • Indien minimum 10 jaar gehuwd volstaat het dat één van beiden ouder is dan 35 jaar
  • Minimum 19 jaar ouder zijn dan het kind
  • Er mogen nog geen biologische kinderen in het gezin zijn (hierop zijn uitzonderingen mogelijk)
(bron: Decreet van 4 april 1974) 

Procedure
  1. Een wees of verlaten kind wordt door het IBESR in een tehuis geplaatst of ouders kunnen hun kind plaatsen met het oog op adoptie.
  2. De multidisciplinaire cel bepaalt de adoptabiliteit van de kinderen en begeleidt de ouders bij het geven van hun (voorlopige) toestemming tot adoptie. Ook de tehuizen kunnen een kind dat volgens hen in aanmerking komt voor adoptie opgeven bij IBESR.
  3. Le Service de l’Adoption bekijkt en beoordeelt de vragen tot adoptie van kandidaat-adoptanten.
  4. Le Service d’ Adoption stelt de dossiers samen van de adoptabel verklaarde kinderen.
  5. De multidisciplinaire cel staat in voor de matching en begeleidt (binnenlandse) kandidaat-adoptanten tijdens de adoptieprocedure.
  6. Het kind wordt via het IBESR en de adoptiedienst of autoriteit voorgesteld.
  7. De centrale autoriteit en de kandidaat-adoptanten geven hun toestemming.
  8. IBESR start de gerechtelijke adoptieprocedure.
  9. De definitieve toestemming tot adoptie wordt gegeven door de biologische ouders of familieraad.
  10. De beslissing wordt doorgegeven aan de Commissaire du Gouvernement.
  11. De adoptie wordt uitgesproken door de Rechtbank van Eerste Aanleg.
  12. Beroep tegen deze uitspraak is mogelijk.
  13. De adoptie-akte wordt opgemaakt door een ambtenaar van de Burgerlijke stand.
  14. Administratieve afhandeling van de adoptie/legalisatie door Justitie en Ministerie van Buitenlandse Zaken – Paspoort/visa in orde brengen.
  15. De beslissing van IBESR dat het kind het land mag verlaten.
(bron: Procédure administrative d’ adoption)


Na de adoptie
Voor er sprake was van een hervorming van de adoptiewetgeving ging het in Haïti steeds om gewone adopties waardoor de banden met de familie dus niet volledig verbroken worden. In de nieuwe procedure werd voorlopig nog geen wijziging in deze vorm opgenomen.
IBESR vraagt 7 post-adoptie rapporten op:
  • 6 maanden 
  • 12 maanden 
  • 18 maanden 
  • 24 maanden
  • 36 maanden
  • 48 maanden
  • 60 maanden
Een post-adoptie rapport bestaat uit:
  • Een medisch verslag
  • Een psychologisch verslag
  • Een evaluatie van zijn/haar sociaal gedrag
  • Een schoolrapport

Overwegingen
Voor het onderzoek heeft het VCA zich vooral gebaseerd op informatie verkregen via uw inlichtingendossier, IBESR, Buitenlandse Zaken en de centrale autoriteit inzake adoptie van de VS. Dit leidde tot volgende vaststellingen:
Het land beschikt over een werkende centrale autoriteit inzake adoptie, het Institut de Bien-Etre Social et de Recherches (IBESR), met duidelijk omschreven taken.

Volgens het Haags Adoptieverdrag inzake de bescherming van kinderen en de samenwerking op het gebied van de interlandelijke adoptie van 29 mei 1993 kan een interlandelijke adoptie slechts plaatsvinden in het hoger belang van het kind, met eerbied voor de fundamentele rechten die het op grond van het internationaal recht toekomen en na de mogelijkheden tot plaatsing in de staat van herkomst naar behoren te hebben onderzocht. 
Haïti heeft het Haags Adoptieverdrag ondertekend op 2 maart 2011, geratificeerd op 12 juni 2012 maar het trad nog niet in werking. 

Het IBESR bracht in november 2012 de Procédure Administrative d’ Adoption uit. Een toevoeging aan de bestaande adoptiewetgeving in afwachting van de nieuwe wetgeving waarin IBESR een nieuwe procedure beschrijft om de administratieve fase in het adoptieproces beter te organiseren. IBESR wil er zeker van zijn dat de procedure doorlopen wordt met respect voor het principe van subsidiariteit en in het grootste belang van het kind.
De adoptabiliteit van de kinderen wordt vastgesteld door ‘la Cellule multidisciplinaire’ binnen IBESR. De multidisciplinaire cel bestaat uit een team van psychologen, maatschappelijk werkers en advocaten.

De subsidiariteit van interlandelijke adoptie wordt gewaarborgd door: 
  • De multidisciplinaire cel die in staat voor de begeleiding van ouders die er aan denken hun kind af te staan voor adoptie. Ze zoeken samen met de ouders/familie naar alternatieven om het kind toch binnen de familie te houden. Indien dit niet mogelijk is informeren zij de ouders over de gevolgen van de adoptie en volgen het kinddossier verder op. 
  • Ouders mogen hun toestemming tot adoptie niet geven voor hun kind 3 maanden oud is.
  • Er zijn 3 verschillende soorten opvangtehuizen “maisons d’enfants” allemaal met het oog op re-integratie in de familie:
    • Les crèches
    • Les centres de transit
    • Les orphelinats
Het IBESR controleert deze instellingen en geeft de erkenningen om te mogen functioneren. De beoordelingen van de verschillende instellingen werden opgelijst in “Annuaire orphelinats Haïti 2012”.

Het land treft maatregelen op het vlak van kinderbescherming door de controle van de tehuizen en een betere bepaling van het doel van elk tehuis.

De Belgische adoptiewetgeving, die gebaseerd is op het Haags Adoptieverdrag, voorziet dat de centrale/bevoegde autoriteiten in het land van herkomst en het land van opvang een aantal documenten m.b.t. de adoptieouders en het te adopteren kind moeten uitwisselen en dat beide autoriteiten schriftelijk hun toestemming moeten hechten aan de beslissing om het kind aan de adoptanten toe te vertrouwen vooraleer er een adoptie tot stand kan komen (art. 361-3 B.W.).

De documenten die zowel in het kinddossier als in het dossier van de adoptieouders dienen te zitten staan beschreven in de “procédure administrative de l’adoption” art. 34 & 35.

In de ‘procédure administrative de l’adoption’ staat niet expliciet vermeld dat centrale autoriteiten van landen van herkomst dossiers kunnen indienen bij het IBESR zonder tussenkomst van een geaccrediteerde adoptiedienst. Er staat ook geen verbod in. Het is wel verboden dossiers in te dienen zonder tussenkomst van een centrale autoriteit of adoptiedienst. We begrijpen hieruit dat wij, als centrale autoriteit, een dossier kunnen indienen. We probeerden hierover officiële bevestiging te krijgen van het IBESR maar kregen deze niet binnen de termijn van het kanaalonderzoek. Een ouderdossier voor een intrafamiliale adoptie werd aanvaard door het IBESR in 2012 maar we ontvingen nog geen kinddossier.

Beoordeling VCA
Niet elke aanvraag tot zelfstandige adoptie uit Haïti heeft dezelfde achtergrond of verloopt via hetzelfde kanaal. Wij geven graag kort mee wanneer er een onderzoek werd afgerond en wat het besluit van het VCA was specifiek voor het ingediende kanaal. 

Kanaalonderzoek 04/2013: Het kanaal werd goedgekeurd omwille van de inspanningen die het land in de periode na de aardbeving van januari 2010 op het vlak van adoptie leverde. Het IBESR treedt nu op als werkende centrale autoriteit en stippelde een duidelijke (administratieve) procedure uit. Het behoudt de controle over elke stap in de adoptieprocedure. Het blijft echter afwachten of deze werking ook in de praktijk zal kunnen worden omgezet. De contactpersoon van de kandidaat-adoptieouders werd als betrouwbaar beoordeeld.