Vruchtbaarheidscijfers

Wat zijn vruchtbaarheidcijfers? 
Op basis van de gegevens van Kind en Gezin worden sinds enkele jaren jaarlijks vruchtbaarheidscijfers berekend. Vroeger gebeurde dat telkens door onderzoekers, sinds 2016 berekent Kind en Gezin ze zelf. Aan de werkwijze wijzigde niets. Voor een schets van de berekeningswijze verwijzen we naar het laatste onderzoeksrapport.

Vruchtbaarheid verwijst hier niet naar de fysiologische capaciteit om zwanger te kunnen worden, maar wel naar het aantal kinderen dat er geboren worden bij vrouwen.
Voor alle duidelijkheid: We spreken hier enkel over vrouwen omdat vruchtbaarheidscijfers ten opzichte van vrouwen berekend worden, maar uiteraard zijn er meestal ook partners betrokken bij de geboorten.

We berekenen leeftijdsspecifieke vruchtbaarheidscijfers (LVC) en het totale vruchtbaarheidscijfer (TVC). 
  • Leeftijdsspecifieke vruchtbaarheidscijfers geven de verhouding weer tussen het aantal kinderen geboren bij vrouwen van leeftijd x en het aantal vrouwen op leeftijd x. Ze drukken dus als het ware uit hoeveel kinderen 100 vrouwen van leeftijd x voortbrengen in een bepaald jaar.
  • Door alle LVC’s op te tellen bekomen we het Totale Vruchtbaarheidscijfer. Die totale vruchtbaarheid drukken we uit in aantal kinderen per vrouw. Eigenlijk is dit een virtueel aantal kinderen dat per vrouw zou geboren worden, omdat het de optelsom is van de leeftijdsspecifieke vruchtbaarheidscijfers die in een bepaald kalenderjaar worden vastgesteld, terwijl vrouwen kinderen krijgen in de loop van meerdere kalenderjaren. Het totale vruchtbaarheidscijfer (TVC) is echter een goede indicator voor de mate waarin vrouwen in een bepaald kalenderjaar kinderen krijgen. We kunnen TVC berekenen per geografisch niveau en/of per nationaliteit van de vrouwen (Belg of niet Belg). 

De vruchtbaarheidscijfers komen uitgebreid aan bod in onze publicatie 'Het Kind in Vlaanderen' waarvan we op 13 juni reeds pdf enkele hoofdstukken publiceren.