Gezinsondersteuning


Gezinsbond - grootouders

Binnen de werking van de Gezinsbond, wordt een belangrijke plaats gegeven aan de grootouders. Op die manier worden de verschillende generaties in een familie verbonden. Grootouders nemen in het drukke gezinsleven vaak een voorname rol op. Omgekeerd kunnen kleinkinderen ook veel betekenen voor grootouders. Over de kwantiteit en al zeker niet de kwaliteit en inhoud van de tijdsbesteding die grootouders en kleinkinderen met elkaar doorbrengen was nog niet veel onderzoek gebeurd. Vanuit deze vaststelling voerde de Gezinsbond een intergenerationeel belevingsonderzoek bij gezinnen in het najaar 2015.


Huizen van het Kind

Inburgering op maat van laaggeletterde moeders met jonge kinderen

In september 2015 gingen acht proeftuinen van start in Vlaanderen en Brussel in opdracht van het Europees Fonds voor Asiel, Migratie en Integratie (AMIF). Hun opdracht was om een geïntegreerd aanbod voor laaggeletterde moeders met jonge kinderen vorm te geven. De zorg voor jonge kinderen wordt hierbij als ingangspoort gebruikt en het aanbod omvat vier pijlers:

  • Nederlandse taalles
  • Ondersteuning in zorg en opvoeding
  • Verhogen van ontwikkelingskansen van kinderen, o.a. kinderopvang
  • Integratie en versterking van de moeders

Om dit aanbod vorm te geven, sloegen drie partners de handen in elkaar:

  • Agentschappen Integratie en Inburgering (AII)
  • Kind en Gezin, lokaal vertegenwoordigd door verschillende partners: inloopteams, Huizen van het Kind, Kinderopvang, regioteams, CKG
  • Centrum Basiseducatie (CBE)

In de acht proeftuinen kreeg dit aanbod telkens op een andere manier vorm. Er werd volop geëxperimenteerd met nieuwe organisatievormen en nieuwe inhouden.


Draaiboek
Tijdens de looptijd van de proeftuinen werd een lerend netwerk georganiseerd. De ervaringen van dit lerend netwerk en de proeftuinen zelf, werden opgenomen in het pdf Draaiboek ‘Inburgering op maat van laaggeletterde moeders met jonge kinderen’ (9MB).

Het draaiboek biedt heel wat inspiratie en inzichten voor beleid en praktijk. Inspiratie die veel breder inspireert dan wat binnen de proeftuinen werd gerealiseerd, bv. over werken met groepen ouders, over het belang van warme overgang tussen thuis en kinderopvang, over lokale samenwerking met partners,… 


Vervolg
Op 1 maart gaat de volgende looptijd van de proeftuinen van start. In december 2016 werd een nieuwe oproep gedaan om vooral bestaande proeftuinen de mogelijkheid te geven om hun aanbod te verlengen. Ook nieuwe proeftuinen zijn mogelijk. Deze zullen lopen tot augustus 2018. De vraag is om de lokale besturen sterker te betrekken en een train-the-trainer te organiseren voor nieuwe proeftuinen. De doelstelling is om dit aanbod structureel in te bedden in het regulier aanbod van de drie partnerorganisaties, in samenwerking met lokale partners.

Jaarcijfers Centra voor Kinderzorg en Gezinsondersteuning (CKG)

Noden en preferenties inzake preventieve zorg bij gezinnen met jonge kinderen

  • Uitgangspunt van het pdf onderzoek naar de noden en preferenties (1MB) is de analyse van de preventieve zorg van Kind en Gezin als een basisvoorziening, gericht aan alle ouders met jonge kinderen. De profilering van de preventieve zorg van Kind en Gezin als basisvoorziening houdt enerzijds in dat een basisaanbod inzake preventieve zorg gestandaardiseerd aangeboden wordt aan alle ouders. Anderzijds betekent dit dat een gedifferentieerde aanpak uitgewerkt wordt, gegeven de verschillen tussen ouders. In het onderzoek werd bijgevolg zowel gepeild naar de ervaring met dit basisaanbod, als naar de ervaring met de inzet van Kind en Gezin als een hulpbron waarop ouders beroep doen voor wat betreft de ontwikkeling van hun kinderen. Hierbij is ook de kwaliteit van deze hulpbron een belangrijk element van onderzoek.

Geestelijke gezondheidszorg

Vzw VAGGA is een voorziening in de (ambulante) geestelijke gezondheidszorg voor kinderen, volwassenen en ouderen.


Uitgangspunten en krachtlijnen bij uithuisplaatsing van jonge kinderen i.f.v. Vlaamse beleidskeuzes

Met de tekst 'pdf Uitgangspunten en krachtlijnen bij uithuisplaatsing van jonge kinderen i.f.v. Vlaamse beleidskeuzes' (1MB) (2016) willen Jongerenwelzijn en Kind en Gezin de Vlaamse beleidsvisie omtrent de uithuisplaatsing van jonge kinderen met psychosociale problemen intersectoraal actualiseren en expliciteren, in het licht van alle veranderingen die de laatste jaren hun ingang vonden. De tekst richt zich in de eerste plaats op de jongste kinderen in Vlaanderen waarbij uithuisplaatsing aan de orde is. Het betreft nul tot zes jarigen, die gedwongen of vrijwillig, en al dan niet tijdelijk ergens anders verblijven dan in het eigen gezin, bijvoorbeeld in een residentiële voorziening of pleeggezin.
Het is duidelijk dat de institutionele context voor jonge kinderen niet altijd de meest wenselijke is. Daarbij komt nog dat pleegzorg vanuit het beleid nog steeds als de eerste te overwegen hulpvorm wordt geprofileerd. De tekst kijkt zeker ook over het muurtje en start bij een aantal vaststellingen en inzichten o.b.v. (inter)nationale literatuur en focusgroepen met aanbodsvormen. Van daaruit werden op een heldere manier een aantal uitgangspunten en krachtlijnen bij uithuisplaatsing van jonge kinderen geformuleerd, i.f.v. het beleid.
De tekst reikt een aanzet van beleidskeuzes en -acties aan, die in samenspraak met heel wat betrokkenen tijdens de komende periode nog zullen moeten worden geconcretiseerd.