Voeding en beweging


Buiten spelen is leuk, goed én gezond. Met de #buitenbabys wil Kind en Gezin zowel ouders als kinderopvang daarvan bewustmaken.
Maak ook van de kinderen en baby's in de opvang echte #buitenbabys: inspiratie en tips

Gezonde kinderdagverblijven

Hoe maak jij je opvang gezond en actief? Schrijf je in voor het project 'Gezonde kinderdagverblijven' van het Vlaams Instituut Gezond Leven. Je krijgt er vorming en leuke spelmaterialen. Meer weten

Infomap Kinderopvang: hoofdstuk Voeding

In het hoofdstuk pdf Voeding (2MB) vind je meer info over borst-, fles- en vaste voeding in de opvang. Je krijgt ook tips over gezond eten en bewegen.

Brochure 'Gezond eten en bewegen' met voedingswijzer

Vanaf het begin zijn een gezonde voeding, voldoende beweging en het beperken van zitten en liggen de ingrediënten voor een gezond leven. De brochure bevat informatie over wat gezonde voeding tijdens die eerste jaren inhoudt. De uitneembare voedingswijzer is een handige hulp. Ouders krijgen bovendien heel wat tips over het opvoeden van hun kindje op het vlak van voeding en beweging. Bekijk of bestel ze via onze brochurepagina.

Online leermodule gezonde levensstijl

Deze leermodule geeft je meer info en tips over evenwichtige voeding en beweging aan de hand van foto's, video's, oefeningen,... Om toegang te krijgen tot alle modules, maak je een nieuw account aan. Als je al een account hebt, kan je gewoon inloggen.

Voedselhygiëne

In de gezinsopvang moet je altijd hygiënisch werken als je maaltijden klaarmaakt. De kinderopvang in groep moet ook voldoen aan bijkomende verplichtingen. Dit wordt gecontroleerd door FAVV. Om zich in orde te stellen, kan de opvang gebruik maken van een autocontrolegids, goedgekeurd door het FAVV.

Het FAVV begeleidt bedrijven bij hun communicatie over allergenen naar de consument (tekst en video).

Verplichtingen groepsopvang

Op het vlak van voedselhygiëne zijn er voor de groepsvang de wettelijke verplichtingen van het FAVV (Federaal Agentschap voor Veiligheid van de Voedselketen). Deze gaan over goede hygiënepraktijken, autocontrole, registratie, toelating en meldingsplicht. Je vindt ze terug in de autocontrolegids. Deze gids helpt je om een goed voedselveiligheidsbeleid op te stellen.

De autocontrolegids voedselveiligheid voor baby's en peuters.

De Voorlichtingscel van het FAVV geeft gratis vorming. Meer info en het inschrijvingsformulier vind je hier.

Verplichtingen gezinsopvang

Voor gezinsopvang volstaan eenvoudige hygiënepraktijken. Je past de gangbare hygiëneregels toe. Om je werkwijze te checken of verbeteren kan je de checklist hygiëne voor gezinsopvang gebruiken.

pdf Checklist voedselveiligheid gezinsopvang  
 

Wat zijn voedselinfecties en -vergiftiging?

Voedseltoxi-infecties zijn infecties die veroorzaakt worden door voedsel dat besmet is met ziekteverwekkende microben en hun giftige bijproducten (toxines), bv. door Salmonella, Listeria, monocytogenes, Escherichia coli, Clostridium botulinum, Staphylococcus aureus, enz.

  • Vaak kan je niet ruiken, zien of proeven dat voedsel besmet is.
  • Vaak voorkomende ziektetekenen zijn diarree, braken en koorts, met gevaar voor uitdroging. De gevolgen kunnen ernstig zijn, vooral bij jonge kinderen omdat hun afweersysteem nog niet in volle ontwikkeling is.
  • De oorzaak ligt in het verwaarlozen van de hygiëneregels: handen niet wassen, onvoldoende verhitten, onvoldoende snel afkoelen,... .

Waarom meer kans op besmetting in de opvang?

De kans op besmet voedsel is in de kinderopvang groter dan thuis:

  • een groter aantal aanwezige kinderen
  • meer verluiering en potjes
  • mogelijk meer personen die in contact komen met voedsel
  • mogelijk meer tijd tussen de bereiding en het opeten van de maaltijd

Borstvoeding

Als je weet dat lang borstvoeding geven tal van gezondheidsvoordelen heeft voor mama en kind, dan is het jammer om veel mama's te zien stoppen met borstvoeding als ze terug aan het werk gaan, gaan studeren of solliciteren. Maar (starten in de) kinderopvang en borstvoeding blijven geven, kunnen hand in hand gaan. En borstvoeding ondersteunen heeft ook voordelen voor de opvang zelf: 

  • kindjes zijn minder ziek
  • ze hebben minder last van harde stoelgang en diarree
  • stoelgangluiers hebben een mildere geur
  • oprispingen duren minder lang en ruiken minder zuur
Als de afstand niet te groot is, kunnen mama's hun kind in de opvang komen voeden. Anders kunnen ze afgekolfde moedermelk meegeven naar de opvang. Mama's kunnen recht hebben op borstvoedingspauze op het werk.

Borstvoeding komen geven in de kinderopvang heeft bijkomende voordelen:
  • Moedermelk die rechtstreeks van de borst gedronken wordt, is van optimale kwaliteit.
  • Een kindje dat aan de borst drinkt stimuleert de melkproductie beter dan een kolfapparaat.
  • Mama's die voor, na en tijdens de kinderopvang hun kind kunnen voeden in de kinderopvang, geven doorgaans langer borstvoeding.
  • Een mama die in aanraking komt met de ziektekiemen in de opvang geeft specifieke antistoffen tegen de ziektekiemen die er circuleren door via de moedermelk.
  • Borstvoeding geven in de opvang geeft een signaal aan het kind dat het een veilige betrouwbare plek is, omdat het een ontspannende werking heeft op het kindje.
Borstvoeding ondersteunen vraagt de nodige kennis en ervaring. Om te groeien naar een borstvoedingsvriendelijk beleid stellen we een aantal acties voor.
Meer weten over borstvoeding? Bekijk ook de informatie voor ouders over borstvoeding.

Flesvoeding

Maak de flesjes klaar net voor het gebruik.

Poedermelk is niet steriel. Door de melk op voorhand klaar te maken en te bewaren, kunnen gevaarlijke bacteriën zich in de melk ontwikkelen. De baby kan hiervan ziek worden. Flesjes worden best niet thuis bereid en meegenomen naar de opvang.

Veilig meenemen en bereiden

Er zijn verschillende manieren om flesjes veilig naar de opvang mee te nemen en daar klaar te maken:

  • Ofwel brengen de ouders het vereiste aantal lege huishoudelijk propere en gelabelde flesjes mee.
    • Je bewaart deze flesjes samen met het poeder voor zuigelingenvoeding op een afgescheiden, droge en koele plaats (niet boven of onder een elektrisch toestel dat warmte of waterdamp afgeeft).
    • Je bereidt dan de flesjes zoals afgesproken met de ouders.
  • Ofwel vullen de ouders thuis de huishoudelijk propere, droge flesjes met de juiste hoeveelheid poeder.
    • De speen moet omgekeerd in de fles en afgesloten worden met het dekseltje.
    • Je kan dan net voor het gebruik het water toevoegen.
  • Ofwel vullen de ouders thuis de huishoudelijk propere flesjes met de juiste hoeveelheid water en doen ze het melkpoeder in verdeelschaaltjes.
  • Je kan dan net voor het gebruik het poeder toevoegen.
    Er bestaan speciale doosjes om de juiste hoeveelheid poeder per fles mee te nemen naar de kinderopvang.
  • De flesjes worden vervoerd op maximum 20 à 22 °C (kamertemperatuur), bij aankomst onmiddellijk in de koelkast geplaatst en nog dezelfde dag opgebruikt. 
  • In de pdf infomap voeding  (2MB)zie je aan de hand van foto's hoe je best een flesje bereidt en geeft.

Reinigen en steriliseren

  • Je spoelt meteen na de voeding de fles uit met water om melkresten te verwijderen.
  • De ouders zorgen voor de grondige reiniging van de flesjes en spenen. Sterilisatie wordt aangeraden voor het eerste gebruik van het materiaal.

Vaste voeding

Ten laatste op 6 maanden is het noodzakelijk om naast borstvoeding of melkvoeding ook te starten met een evenwichtige vaste voeding. Veel ouders starten tussen 4 en 6 maanden met groente- en fruitpapjes. In het begin geef je ze fijn gepureerd, zonder stukjes. Naarmate de mond- en kauwspieren zich verder ontwikkelen, kan je ook papjes met kleine stukjes aanbieden. Pas de voeding dus steeds aan het kindje aan. Vanaf 18 maanden kan een peuter geleidelijk aan mee-eten met volwassenen.

Meer weten

Bewegen en beperken van stilzitten

Voldoende bewegen is net zo belangrijk als gezond eten en drinken. Een actieve levensstijl heeft een positief effect op de gezondheid. Zowel op korte als op lange termijn. Het loont om van bij het begin gewoontes met zoveel mogelijk beweging te stimuleren. Ook voor baby's en peuters.

Kleine kinderen liggen of zitten vaak langdurig stil, als ze slapen, maar ook als ze gevoed, vervoerd of verschoond worden. De stijging in sedentair (zittend) gedrag is een van de belangrijkste oorzaken van overgewicht bij kinderen. Terwijl beweging de groei, de ontwikkeling en de mentale weerstand stimuleert en de kans op hart- en vaatziekten en diabetes type 2 vermindert.

Daarom is beweging zo belangrijk. En het goede nieuws is dat bewegen heel erg gemakkelijk is. Iedereen kan het. En het hoeft geen grote inspanning te kosten.

Meer info, tips en materiaal vind je hier.

Spelen en bewegen

Methodes, zoals Bodymap, stellen dat er een rechtstreeks verband bestaat tussen de training van de psychomotoriek van kinderen en leerstoornissen. Training van de motoriek heeft volgens de methodes rechtstreeks effect op schools leren. Omgekeerd zou het trainen van de motoriek een positief effect hebben op schoolse vaardigheden (lezen, spellen, rekenen) als een kind daar problemen mee heeft. Dit verband is echter niet wetenschappelijk onderbouwd.
 
Natuurlijk staan we erachter dat elk opvanginitiatief aan de slag gaat met spelen en bewegen. Spelen en bewegen is een wezenlijk onderdeel van de ontwikkeling van kinderen en draagt bij aan de gezondheid van kinderen. (verwijzen naar memoQ? Instituut gezond leven?)
Bij het stimuleren van spelen en bewegen gaat het erom dat kinderen voldoende ruimte en kansen krijgen om te bewegen op veel verschillende manieren (kruipen, rollen, fietsen, springen, met de bal gooien, zelf eten, …) en dat ze hiertoe aangemoedigd en uitgedaagd worden door de kinderbegeleiders.
 
Kinderen verschillen van elkaar in wat ze doen en kunnen op een bepaalde leeftijd. Dat is normaal. Kinderbegeleiders zijn door hun ervaring vaak goed geplaatst om snel zaken op te merken in de ontwikkeling van kinderen en dat met ouders te bespreken. Bij vragen kunnen ouders terecht bij de lokale teams van Kind en Gezin, huis- of kinderartsen. Zij zijn daarvoor opgeleid en gebruiken wetenschappelijk onderbouwde instrumenten om de ontwikkeling op te volgen.