Risico’s in de kinderopvang sneller gedetecteerd

15 maart 2010

In september 2009 berichtten de media over de problemen in enkele voorzieningen voor kinderopvang in Vlaanderen. Naar aanleiding daarvan vroeg Vlaams Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin Jo Vandeurzen aan de agentschappen Kind en Gezin en Inspectie om inzicht te bieden in het opvolgingssysteem en eventuele voorstellen tot verbetering te formuleren.


Analyse dossiers kinderopvang
Samen met het agentschap Inspectie heeft Kind en Gezin alle administratieve dossiers van de kinderopvangvoorzieningen (zowel kinderdagverblijven als onthaalhouders) in Vlaanderen en Brussel onderworpen aan een gerichte screening. De aandacht ging vooral naar dossiers die herhaalde klachten, of meldingen aan politie of parket bevatten en naar dossiers met vaststellingen van onveiligheid. Uit geen enkel onderzoek bleek acuut gevaar voor de kinderen. De agentschappen Kind en Gezin en Inspectie voerden toch bijkomende inspectiebezoeken uit naar aanleiding van dossiers met aanbevelingen erin. Voormelde dossiers betreffen minder dan 5% van de 10.200 opvanglocaties. Er gebeurde ook een zgn. “close reading” door het agenschap Inspectie. Dat is een gelijktijdige lezing door verschillende betrokken professionals, van alle situaties die extra aandacht vereisten. Deze inspanning wordt aangehouden en zal waar nodig leiden tot extra of versnelde inspecties.


Risicocel voor de kinderopvang
Om de monitoring van de risicodossiers nog te versterken komt er bij Kind en Gezin een risicocel voor kinderopvang. De leden van de cel hebben de bevoegdheid om voorzieningen met een ernstig risicogehalte centraal op te volgen. Risicoindicaties zijn herhaalde klachten, meldingen aan politie en parket, en onveilige situaties,… Er komt voorts, ten behoeve van de risicocel,  een databank van risicodossiers. Zo zullen probleemgevallen regelmatig op hun ontwikkeling geëvalueerd worden.

De oprichting van een risicocel sluit aan bij de gevaarsprocedure die al langer bij Kind en Gezin bestaat. Sinds 2009 is elke voorziening bovendien verplicht een acute gevaarsituatie van een kind onmiddellijk aan Kind en Gezin te melden. “Gevarencoördinatoren” onderzoeken de melding en beslissen na overleg over de verdere opvolging en kunnen een inspectiebezoek aanvragen.

De verscherpte controle zal het aantal incidenten weliswaar sterk beperken, aldus Kind en Gezin, maar zelfs de meest zorgvuldige en nabije opvolging kan onmogelijk waterdicht zijn. Kind en Gezin werkt samen met het agentschap Inspectie aan kwaliteitsbewaking, controle en preventie. In 2008 werden 2232 controlebezoeken gebracht, in 2009 nog 421 bezoeken meer. Het kaderdecreet Kinderopvang, waar volop aan gewerkt wordt, zal de kwaliteitsvereisten wettelijk en ten gronde regelen.