Wereldborstvoedingsweek

30 september 2013

Ondersteun borstvoedende mama’s

Veel ouders kiezen tegenwoordig voor borstvoeding na de geboorte. Starten met borstvoeding is meestal geen probleem, maar vaak wordt het opgegeven tijdens de eerste weken of maanden na de bevalling, vooral bij de moeders die uitsluitend borstvoeding willen geven. Ook in Vlaanderen is deze trend merkbaar en dit reeds op de 6 e dag na de bevalling. Nochtans is uitsluitend borstvoeding geven een veilige, gezonde en betrouwbare manier om een baby te voeden. Tot wanneer de baby zes maanden is, heeft hij ook niets anders nodig. De voedingswaarde van moedermelk past zich voortdurend aan aan de behoeften van de baby.

De borstvoedingsgraad neemt dus af in de eerste weken of maanden na de bevalling. Exclusief borstvoeding geven daalt het sterkst. In Vlaanderen krijgt 62,9% nog borstvoeding op dag 6.

Op de leeftijd van 12 weken krijgt ongeveer 27,6% van de kinderen nog uitsluitend borstvoeding. Op de leeftijd van 26 weken zakt het percentage tot 6,3%.

Net daarom is het belangrijk om borstvoedende mama’s maximaal te ondersteunen en begeleiden zodat ze borstvoeding blijven geven. Enerzijds gaat het om steun uit de directe omgeving, zoals de partner, de familie, enz., of om contact met mama’s die zelf borstvoeding hebben. Anderzijds is ook de professionele ondersteuning van opgeleide gezondheidswerkers, lactatiekundigen, artsen, vroedvrouwen, borstvoedingsorganisaties en (regio)verpleegkundigen noodzakelijk.

Dit persbericht wordt mee onderschreven door onze partners in de kwaliteitsvolle zorg voor moeder en kind: de vroedvrouwen via de beroepsverenigingen UVV (Unie van Vlaamse Vroedvrouwen) en VLOV (Vlaamse Organisatie van Vroedvrouwen), de Vlaamse gynaecologen via de beroepsvereniging VVOG (Vlaamse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie), de Vlaamse huisartsen via Domus Medica (vertegenwoordiging van de Vlaamse huisartsen en Huisartsenkringen), de Vlaamse kinderartsen VVK (Vlaamse Vereniging voor Kindergeneeskunde), de lactatiekundigen via de BVL (Belgische Vereniging van Lactatiekundigen), UNICEF België, het Federaal Borstvoedingscomité en het expertisecentrum kraamzorg De Bakermat.