Advies ‘Conformiteit van een stand order voor de uitvoering van een vaccinatieschema'

30 september 2015

De concrete vragen waren:

  1. kan een staand order voor het volledig basisvaccinatieschema gehandhaafd worden.
  2. kan de vaccinatie uitgevoerd worden door een verpleegkundige in aanwezigheid van een andere consultatiebureauarts (CB-arts) dan diegene die het staand order geschreven heeft.

Als antwoord publiceerde de Orde op 19/9/2015 het advies ‘Conformiteit van een stand order voor het uitvoeren van een vaccinatieschema’.

Het advies schets in de eerste plaats het wettelijk kader dat toelaat dat verpleegkundigen vaccineren. In een tweede punt sluit de Orde zich aan bij het Advies van de Academiën voor Geneeskunde van België van 27/6/2015 dat stelt dat vaccineren door verpleegkundigen kan en wenselijk is en dat deze handeling zou moeten opgenomen worden op de lijst van technische verpleegkundige verstrekkingen (B2-handeling). Nu is het vaccineren door verpleegkundigen wettelijk nog een 'Toevertrouwde geneeskundige handeling' (C-handeling).

In het derde punt van het advies antwoordt de Orde positief op onze vragen:

  1. De nationale Raad meent dat het onder bepaalde voorwaarden op deontologisch gebied aanvaardbaar is dat een arts een vaccinatieschema op grond van een staand order voor een bij naam gekend kind toevertrouwd aan een verpleegkundige
  2. De nationale Raad is van oordeel dat de arts die aanwezig is bij de vaccinatie verschillend kan zijn van diegene die de indicatie gesteld heeft.

Het advies bevestigt dat het Staand Order en bijhorend procedure (KGRVVAC) zoals nu door ons in gebruik, voldoet  aan de deontologische eisen van de Orde.

Op dit ogenblik bekijken we hoe elk aspect technisch kan vertaald worden in ons elektronisch dossier op een manier die garanties biedt op een juridisch en deontologisch correcte uitvoering van deze toevertrouwde handeling.