Kansarmoede-index stijgt verder in 2015 tot 12%

30 juni 2016

Kansarmoede-index

Tijdens hun contacten met gezinnen gaan de verpleegkundigen en gezinsondersteuners van Kind en Gezin na of er signalen zijn van kansarmoede aan de hand van 6 criteria: het maandinkomen van het gezin, de opleiding van de ouders, het stimulatieniveau van de kinderen, de arbeidssituatie van de ouders, de huisvesting en de gezondheid. Wanneer een gezin zwak scoort op 3 of meer criteria, spreken we over kinderen in kansarmoede. In 2015 groeit 12% van de zeer jonge kinderen in Vlaanderen op in kansarmoede. Bij 63% van deze kinderen in kansarmoede gaat het om onvoldoende scores voor de 3 socio-economische criteria, nl. arbeid, inkomen, opleiding.

De kansarmoede-index 2015 (berekend over de geboortejaren 2013, 2014 en 2015) is gestegen met 0,6 procentpunt ten opzichte van 2014. De stijging doet zich voor in alle provincies en in meer dan de helft van de gemeenten. De index ligt het hoogst in de provincies Antwerpen en Limburg.

Kansarmoedeindex











Woonplaats
Kansarmoede komt meer voor in een stedelijke context. In de grootsteden leeft 1 op de 4 van de borelingen in kansarmoede, in de centrumsteden gaat het om 15%.

51,5% van de kinderen in kansarmoede leeft in 13 steden (de 2 grootsteden en de 11 andere centrumsteden), 1/3 in de grootsteden Gent en Antwerpen.

Origine

Kansarmoede is ontegensprekelijk sterker aanwezig in de steden maar kan tegelijk niet losgekoppeld worden van de origine van de moeder. 64% van de kinderen die opgroeien in kansarmoede heeft een moeder die bij haar geboorte niet de Belgische nationaliteit had. Er doen zich wel opmerkelijke verschillen voor tussen de provincies. Zo blijkt dat in Antwerpen 73,2% van de kinderen in kansarmoede een moeder heeft die bij haar geboorte niet de Belgische nationaliteit had. In West-Vlaanderen ligt dat percentage heel wat lager (45,3%).

De kansarmoede-index bij kinderen waarvan de moeder bij haar geboorte niet de Belgische nationaliteit had, ligt met 30,1% heel wat hoger dan de 5,5% bij kinderen met een moeder van Belgische origine.


kansarmoede - moeder

De niet-Belgische nationaliteiten hebben vooral betrekking op de Afrikaanse nationaliteiten. 14,4% van de kinderen in kansarmoede heeft een moeder die bij haar geboorte een nationaliteit had van een Maghrebland (Marokko,Algerije, Tunesië, Libië of Mauretanië).

12,7% heeft de eerste nationaliteit van een ander Afrikaans land. Slechts 9,7% van de kinderen heeft een nationaliteit bij geboorte van een land uit de EU, vooral dan van een Oost-Europees land (6,3%).

Vergelijking met andere indicatoren
De index ligt op het niveau van andere armoede-indicatoren op kind-niveau. Zo ligt het aandeel kinderen van 0 tot 5 jaar dat recht heeft op een verhoogde tegemoetkoming in de ziekteverzekering bv. op 11,9% en bedraagt het aandeel kinderen (van 0 tot 18 jaar) met recht op een sociale toeslag in het huidige systeem van de kinderbijslag 12,4%.

Kansarmoede-index op gemeentelijk niveau online

De gegevens in verband met kansarmoede zijn tot op gemeentelijk niveau beschikbaar. Kind en Gezin werkt voor deze gemeentelijke kindrapporten samen met de Studiedienst van de Vlaamse regering. Via de website van Kind en Gezin kunnen de cijfers op diverse niveaus bekeken worden: op niveau van het Vlaams Gewest, op niveau van de provincies of op niveau van de gemeenten via de gemeentelijke kindrapporten.

Persinformatie:
www.kindengezin.be
Leen Du Bois, woordvoerder Kind en Gezin, gsm 0496 59 15 11, woordvoerder@kindengezin.be, twitter: @wvkg

Bekijk alle cijfers.