Objectpermanentie

Als een balletje onder de kast rolt, zal een kind die al objectpermanentie ontwikkeld heeft, er naar op zoek gaan. Voor dit gebeurt, gaat een kind niet op zoek en begint het met iets anders te spelen. Als het iets niet ziet, is het er niet.

Bij een kindje tussen 6 en 12 maanden is het balletje uit zijn gezichtsveld, maar het ‘weet’ dat het niet weg is. Het heeft een voorstelling van het balletje in zijn geheugen.

  • Er is een manier om na te gaan of het kind beelden in het geheugen heeft zonder het voorwerp te zien. Leg een balletje, blokje of ander klein voorwerp onder een doek. Het kind mag zien dat iemand het er legt. Als het kind het voorwerp zoekt, beschikt het over objectpermanentie.

Op de leeftijd van 12 maanden zal het kind dat voorwerp zelfs zoeken zonder gezien te hebben waar het gelegd is.

Objectpermanentie houdt verband met scheidingsangst. Het kind heeft mama of papa in zijn hoofd. Als mama weggaat, weet het kindje heel bewust dat het mama mist.