Voelen

Met de huid maakt een baby het meest uitgebreid contact met de wereld, zowel met mensen als met dingen. Horen, zien en ruiken kunnen net zo goed op afstand, voelen niet. In de aanraking met andere mensen krijgt een baby het sterkst de ervaring ‘er te zijn’. Huid-op-huidcontact is dan ook heel belangrijk.

Het ervaren van beweging betekent veel voor een jonge baby. Hem oppakken, vasthouden, zachtjes wiegen, … staan al lang bekend als de beste middelen om een baby te troosten. Hij houdt enorm veel van lichamelijk contact. Er kan nooit te veel lichamelijk contact zijn.


De mond: een bijzonder tastorgaan
Met de mond neemt een kind voor het eerst letterlijk iets van buitenaf in zich op. Het is een soort overbrugging tussen zijn wereld en de buitenwereld.

Wanneer een baby dingen kan grijpen, zal hij die vaak naar zijn mond brengen. Zo maakt hij kennis met verschillende voorwerpen: rond, hoekig, glad, ruw, korrelig, puntig, bobbelig, … Hij zal hierbij zijn handen gebruiken om te tasten, maar in de babyperiode zal hij vooral zijn mond gebruiken. De lippen en de tong zijn dan ook erg tastgevoelig.

Wanneer een kind groter wordt, leert het deze gewoonte af, omdat het vies is en ook wel onhandig is om alles in de mond te steken.