Als slapen moeilijk gaat


0-1 jaar

Sommige baby's kunnen moeilijk in slaap vallen, worden heel vaak wakker 's nachts of zijn heel vroeg op 's ochtends. Er zijn kinderen die alleen 'willen' slapen als ze in bed liggen bij de ouder of in slaap vallen nadat ze eindeloos gewiegd worden. Meestal is dat voor de kinderen zelf niet echt een probleem, wel voor de ouder.

Wat je zeker kan doen is:

  • nadenken waardoor het slapen van het kind moeilijker ging
  • goed bijhouden hoe het slapen verloopt, bv. gedurende een week
  • goed bijhouden hoe je als ouder reageert tijdens diezelfde periode

Herken je oorzaken voor het moeilijk slapen? Welke effecten heeft jouw aanpak? Vaak zal een combinatie van maatregelen helpen om het slaappatroon van het kind bij te sturen. Daarnaast is het belangrijk om een gekozen aanpak meerdere dagen vol te houden om effect te bereiken. Een slaappatroon is hardnekkig. Daarom werkt het niet om even wat uit te proberen.

Veel ouders van jonge kinderen hebben te weinig slaap. Het hoort erbij, ook al is het soms erg zwaar. Zorg voor jezelf!

1-3 jaar

Wat je kan doen:

  • nadenken waardoor het slapen van het kind plots anders verloopt
  • goed bijhouden hoe het slapen van het kind verloopt, bv. gedurende een week
  • goed bijhouden hoe je als ouder reageert, tijdens diezelfde periode.

Herken je oorzaken voor het moeilijk slapen? Welke effecten heeft jouw aanpak?

Vaak zal een combinatie van maatregelen helpen om het slaappatroon van het kind bij te sturen. Je gaat bijvoorbeeld meer aandacht besteden aan een slaapritueel, je zorgt voor een lampje op de gang en de eerste week pas je alles heel nauwgezet toe, samen met je partner.

Welke aanpak je uiteindelijk ook verkiest, doorgaans vraagt het de nodige energie. Kinderen kunnen hun protest lang volhouden. Daarnaast is het belangrijk om een gekozen aanpak meerdere dagen of liefst weken vol te houden om effect te bereiken. Een slaappatroon is hardnekkig. Het werkt niet om een dagje ‘wat uit te proberen’.

Soms kan je aan het slapen zelf niet veel veranderen (bv. kinderen die vroeg wakker worden). Je kan wel nadenken hoe het voor jou als ouder haalbaar wordt: mag je kind boekjes kijken tot je het wekt, kan je met een oudere peuter een wekkertje instellen dat rinkelt als hij naar beneden mag, …

Hoofdbonken en schudden

Een aantal kinderen gaat voor of tijdens het inslapen, of ’s nachts, met hun hoofd of romp een aantal herhaalde bewegingen uitvoeren. Ze bewegen met hun hoofd van voren naar achteren of slaan het ergens tegenaan: de bedrand of de muur. Het kan zijn dat het kind zijn hoofd of zelfs zijn hele lichaam heen en weer rolt of op handen en voeten heen en weer beweegt. Sommige kinderen maken hier nog een brommend geluid bij. Dit gebeurt allemaal onbewust.

Over het algemeen gaan kinderen niet zo ver dat ze zichzelf werkelijk verwonden. Sommige kinderen krijgen wel blauwe plekken op hun hoofd. Gek genoeg ervaren deze kinderen ook dan meestal geen pijn.

Komt het vaak voor?

Hoofdbonken net voor of tijdens het slapen komt vrij veel voor bij jonge kinderen. Het is doorgaans niet nodig hierover ongerust te zijn.  Op de leeftijd van 9 maanden vertoont meer dan de helft van de kinderen dit gedrag wel eens. Op 18 maanden is dit nog maar een op de drie en op 2 jaar nog maar een op de vijf. In de meeste gevallen verdwijnt het vanzelf rond de lagere schoolleeftijd.

Redenen

Kinderen doen dit vaak om zichzelf tot rust te brengen of in slaap te wiegen. Waarom gaat het ene kind wel bonken en het andere niet? Dit lijkt gedeeltelijk afhankelijk te zijn van de mate waarin het kind andere manieren heeft om eventuele spanning af te reageren en van hoe gevoelig het kind is voor spanning. Het gebeurt ook dat er een toename van het hoofdbonken is net voordat het kind een nieuwe stap in zijn ontwikkeling zet.
Steeds vaker wordt er ook gedacht dat het te maken heeft met de rijping van de hersenen. Naarmate de hersenen meer rijpen, stopt het bonken vanzelf.

Aanpak

Over het algemeen hoeft je niets te doen. Het is echter volkomen begrijpelijk dat je je zorgen maakt om dit gedrag. Je kan er voor zorgen dat het kind zich niet kan pijn doen. Je kan bijvoorbeeld de binnenkant van het bedje bv. bedekken met dikke, zachte stof of mousse die vastzit aan het bedje. Bijna in alle gevallen verdwijnt het hoofdbonken naarmate het kind ouder wordt. Geduld hebben lijkt in dit geval dan ook het beste advies.

  • Heb je vragen of wil je het gedrag van je kind bespreken? Je kan terecht bij je verpleegkundige van Kind en Gezin, bij de arts van het consultatiebureau, bij je huisarts.

Nachtmerries

Nachtmerries spelen zich af in een droom, waarna het kind wakker wordt. Ze komen vooral voor bij kinderen van 4 tot 6 jaar. In deze periode beleven kinderen de wereld rondom hen heel intens. ’s Nachts verwerken ze de belevenissen en gevoelens van de afgelopen dag. Hierdoor dromen kleuters zeer levendig. Monsters en spoken nemen de plaats in van de belevenissen die kinderen overdag als bedreigend of overdonderend hebben ervaren.

Wat kan je doen?

  • Je kan het kind meteen geruststellen door het zachtjes te aaien of te knuffelen, door te vertellen dat alles in orde is.
  • Jouw stem helpt.
  • Je kan het kind uit het verhaal halen naar het hier en nu. Vertel bijvoorbeeld waar het kind is, wat er in zijn kamer te zien is en dat jij bij hem bent. Doe eventueel het licht aan om het kind te laten zien dat het op zijn kamertje is.

Extra

Soms schreeuwt een kind luid en gaat rechtop in bed zitten. Meestal merk je een angstige uitdrukking op het gezicht en wijd opengesperde ogen. Het kind zweet en ademt snel. Het lijkt wakker, maar dat is het niet. Typisch is dat het kind zich er de volgende morgen niets van kan herinneren. Dit komt het vaakst voor bij kinderen rond de leeftijd van 5 jaar. 

Je hoeft het kind niet te wekken (anders dan bij een nachtmerrie). Je kan best afwachten tot de aanval na enkele minuten vanzelf overgaat en het kind weer in een normale slaap valt.

Slaapwandelen

Wat is het?

Slaapwandelen komt vooral voor bij kinderen tussen drie en vijf jaar. Het is een vrij normaal verschijnsel dat doorgaans vanzelf verdwijnt.
Slaapwandelen treedt meestal op tijdens de eerste uren van de nacht. Het kan enkele minuten tot een halfuur duren. Een kind dat slaapwandelt heeft zijn ogen open, maar reageert nauwelijks op wat je zegt of doet. Het zal ongericht rondlopen, hier en daar een deur openen en uiteindelijk weer in bed gaan liggen.

Wat kan je doen?

Je kan weinig doen om slaapwandelen te voorkomen. Je kan het kind wel beschermen tegen mogelijke ongelukken. In tegenstelling tot wat men vaak vertelt, weten kinderen helemaal niet goed wat ze doen tijdens hun nachtelijke ronde. Neem daarom enkele voorzorgsmaatregelen:

  • verwijder de voorwerpen die voor het kind in de weg kunnen staan,
  • sluit de ramen zorgvuldig af, 
  • sluit het trapgat zorgvuldig af,
  • kijk na of je nog andere maatregelen moet nemen om de leefruimte veilig te maken.

Een kind dat slaapwandelt, maak je best niet wakker. Het kind weet niet waar het zich bevindt en hoe het daar gekomen is. Wakker maken kan een paniekgevoel veroorzaken, waardoor je kind bang wordt om opnieuw in te slapen.

Je kan het kind bij de hand nemen en het langzaam, zonder te praten, weer naar zijn bed leiden.