Tandbederf

Gedurende de dag ontstaat er op je tanden een zacht, witgeel, kleverig laagje. Dit is tandplak (tandplaque). Het ontstaat door het samenklonteren van voedselresten, slijm en bacteriën. De bacteriën zijn voornamelijk afkomstig uit je speeksel. Deze bacteriën zetten suikers uit voeding om in zuren, die gaatjes veroorzaken in de tanden. Dit gebeurt met alle voeding in de mond, ook met suikers uit melk en fruit.

Om tandbederf en tandvleesontstekingen te voorkomen moet de tandplak verwijderd worden door te poetsen.

Aandachtspunten:

  • Breng geen zoete voedingsmiddelen, zoals honing, aan op een fopspeen.
  • Fopspenen kunnen onrechtstreeks een rol spelen bij het ontstaan van tandbederf. De bacteriën kunnen via een fopspeen uit de mondflora van een volwassene (of ander kind) worden doorgegeven naar de mond van het kind. Maak de fopspeen dus steeds ‘proper’ onder stromend water.

Fluoride

Fluoride beschermt de tanden tegen tandbederf.

Eet je suiker, dan volgt er een zuurstoot die je tandglazuur aantast. Als er fluoride in het speeksel en in het tandplak is, lossen de mineralen uit het tandglazuur minder snel op.

Vóór de doorbraak van de tandjes heeft het kind géén extra fluor nodig.

Vanaf het eerste tandje is het belangrijk om goed te poetsen met fluoridehoudende tandpasta. Er wordt aangeraden om 2 keer per dag te poetsen. Na het poetsen spuwt het kind de resterende tandpasta uit. Spoelen van de mond is bij kleine kinderen (0-3 jaar) niet aangewezen, omdat ze dat nog niet voldoende onder de knie hebben en zo eerder de resterende tandpasta inslikken.

Gebruik voor kinderen tot 2 jaar een tandpasta met een fluoridegehalte van 500 tot 1000 ppm. Vanaf 2 jaar tot en met 6 jaar gebruik je een tandpasta met een fluoridegehalte van 1000 tot 1450 ppm.

Aandachtspunt:

  • Sommige soorten mineraalwater bevatten hogere fluoridegehaltes (zie etiket). Is dat hoger dan 1 mg per liter of is het niet vermeld, gebruik het water dan niet voor flesvoeding.
  • Bijkomende tabletjes of druppels fluor zijn niet nodig.

Fluorisis

Een te grote hoeveelheid fluor kan schadelijk zijn. Het kan fluorisis veroorzaken, dit zijn witte krijtstrepen op de tanden. Een kind kan de resterende tandpasta in zijn mond niet zo goed uitspuwen en slikt vaak een groot deel van de tandpasta in. Daarom wordt er aangeraden om niet meer dan een 'erwtje' tandpasta te gebruiken.

Voeding

Onze voeding en voedingsgewoonten beïnvloeden rechtstreeks de gezondheid van de mond, en die van de tanden in het bijzonder. Wat je eet en drinkt is van belang, maar ook hoe en hoe vaak je eet en drinkt. Het is niet goed om de hele tijd te eten of te drinken. Gun het gebit van je kindje rustpauzes. Zo hebben de tanden de kans om te herstellen na een zuurstoot.

Frisdranken en fruitsappen zijn zoet en zuur, ook de fruitsappen zonder toegevoegde suiker. Suiker vormt een gevaar voor tandbederf en de aanwezige zuren kunnen rechtstreeks je tandglazuur aantasten. Light dranken bevatten geen suikers, maar zij zijn net als alle andere frisdranken artificieel aangezuurd voor de frisse smaak en vormen dus ook een reëel gevaar voor aantasting van het tandglazuur. De beste en meest gezonde dorstlesser is … water!

Zuigflescariës

Zuigflescariës is een zeer vroegtijdige vorm van tandbederf. Het begint aan de boventanden kort nadat ze zijn doorgebroken. Zuigflescariës ontstaat na veelvuldig en langdurig contact met een zuigfles met suiker bevattende drank (vruchtensap, gesuikerde thee, melkdrank ...). De tanden hebben dan weinig kans om zich te herstellen na de vorige zuurstoot.

Tips

  • Maak overdag van zuigen geen gewoonte. Zorg ervoor dat een baby niet te lang van een flesje met een suiker bevattende vloeistof drinkt, hij neemt dan voortdurend kleine slokjes.
  • Leg een kind nooit met een zuigfles met drank, ook niet met melkdrank, in bed. ’s Nachts produceert een kind minder speeksel en slikt hij minder vaak. Zo is het voor zijn tanden nog moeilijker om zich te herstellen.
  • Leer een kind vanaf 6 à 8 maanden uit een beker drinken. Dan is de verleiding minder groot om voortdurend te drinken. Voor de leeftijd van 1 jaar is het nog niet nodig alle drank (alsook melkvoeding) uit een beker te drinken.
  • Kies liever een open beker dan een tuitbeker. Zo ontwikkelt zijn mondmotoriek zich beter.
Bekijk ook ...