Afbouwen en stoppen met borstvoeding

  • Wanneer je gedeeltelijk of volledig wil stoppen met borstvoeding, bouw je de borstvoedingen best stap voor stap af. Dit kan door bv. 1 tot 2 borstvoedingen per week te vervangen door een flesje ingevroren moedermelk die je nog in de diepvries bewaard hebt, door een kunstvoeding of door een vaste voeding als je baby ouder is dan 6 maanden.
  • Voor elke stap trek je 3 à 4 dagen uit. Door het geleidelijk aan te doen, kunnen je borsten langzaam wennen aan de verminderde melkproductie en zal je minder last hebben van gespannen borsten.
  • Te snel afbouwen kan leiden tot stuwing of tot een borstontsteking.
  • Je gaat pas naar de volgende stap als je geen last meer hebt van pijnlijke stuwing.
  • Begin met de borstvoeding waarbij je baby het minste drinkt. Schakel de ochtend- en avondvoeding als laatste om naar flesvoeding.

Bij twijfels of vragen kan je steeds terecht bij je verpleegkundige, die op haar beurt ondersteund wordt door lactatiekundigen van Kind en Gezin, of bij een vroedvrouw of externe lactatiekundige. Je kan je verpleegkundige bereiken via de Kind en Gezin-Lijn of je vindt een lactatiekundige in je buurt op www.bvl-borstvoeding.be.

Gedeeltelijk stoppen met borstvoeding

Je melkproductie vermindert zodra je je baby minder aanlegt. Om je melkproductie niet te snel te doen teruglopen, kan je 1 of meer borstvoedingen het best vervangen op een vast tijdstip. Heb je nog een voorraad afgekolfde moedermelk in de diepvries, geef deze dan bij voorkeur eerst. Je kan werken volgens het schema hieronder.

Gedeeltelijk stoppen met BV

Volledig stoppen met borstvoeding

  • Stop je volledig met borstvoeding, dan stap je het best geleidelijk aan over op een aangepaste zuigelingenvoeding en vaste voeding als je baby ouder is dan 6 maanden.
  • Ook hier kan je eerst je voorraad afgekolfde moedermelk uit de diepvries opgebruiken.

Afhankelijk van het aantal borstvoedingen dat je geeft, kan je werken volgens één van de schema’s hieronder.

Volledig stoppen met BV

Volledig stoppen met BV - 8

Plots stoppen met borstvoeding

Misschien is het om medische redenen nodig om de borstvoeding plots af te breken. Je borsten zullen hierdoor erg gespannen en gestuwd raken, wat kan leiden tot een borstontsteking.

Tips om de pijn te verzachten

  • Koude kompressen werken dan vaak verlichtend, hoewel dat voor iedereen anders is.
  • Om de stuwing te verlichten, is het nodig om wat melk uit je borsten te masseren of te kolven.
  • Breng eerst warmte aan (washandje met warm water, kersenpitkussen, warme douche, warm dompelbad), masseer dan je gestuwde borsten van
    je borstkas naar de tepel toe en kolf dan met de hand of met een kolfapparaat. Je kan doorgaan met kolven tot je borsten weer behaaglijk en soepel aanvoelen. Het is niet nodig om je borsten leeg te kolven. Herhaal het telkens als je er behoefte aan hebt.
  • Soms zijn er geneesmiddelen nodig om snel af te bouwen. Raadpleeg dan zeker je behandelend arts.

Eerste tandjes: niet stoppen

  • Rond de leeftijd van 6 maanden krijgen de meeste baby's tandjes. Meestal vormt dit geen probleem voor het geven van borstvoeding. Een baby doet immers zijn mond wijd open en 'kauwt' niet de melk uit de borst, maar drinkt het. De tong ligt over de onderkaak heen, dus eventuele tandjes worden bedekt.
  • Het is wel mogelijk dat een baby die last heeft van doorkomende tandjes even zijn tanden in de borst wil zetten en anders aan de borst gaat drinken om de pijn te verzachten. Leer dit af door hem rustig van de borst te halen, rustig te vertellen dat hij niet mag bijten en de voeding te stoppen. Geef na enige tijd (bijvoorbeeld 30 minuten) de borst weer. Meestal blijft het bijten beperkt tot 1 of 2 keer.
  • Als het niet zo snel overgaat, observeer dan wanneer de baby bijt. Doet hij het aan het begin of op aan het einde van de voeding. Aangezien een baby niet kan bijten en drinken tegelijk, zal hij eerder gaan bijten als er weinig of geen melk uit de borst komt. Dus: als de borst (bijna) leeggedronken is of als de toeschietreflex nog niet is opgetreden. Wie goed oplet, merkt wanneer hij gaat bijten. Hij trekt zijn tong dan terug, zodat zijn tanden vrijkomen. Door hem op tijd van de borst te halen, kan men het bijten voorkomen en hem leren dat het bijten ongewenst is.
  • Bij sommige grotere baby's heeft bijten een andere oorzaak. Ze worden zwaarder en gaan onwillekeurig aan de borst 'hangen'. Om te voorkomen dat ze wegglippen klemmen ze hun kaken om de borst. Het helpt dan om extra steun te nemen bij het voeden (bijvoorbeeld de arm op een armleuning leggen of een kussentje onder de baby zetten).