Duur van een voeding

Het duurt soms enkele minuten voor de toeschietreflex goed werkt en de melktoevoer op gang komt. Belangrijk is dat je vooral kijkt naar het effectief drinken van de baby. Een baby aan de borst vertoont verschillende zuigpatronen. Eerst zal hij met zijn zuigen ervoor zorgen dat de melk toeschiet. Eenmaal de melk stroomt, gaat hij echt drinken en dan hoor je de baby slikken. Naar het einde van de voeding hoor je de baby veel minder slikken en gaat hij sabbelen, de borst lossen of in slaap vallen. Haal hem dan van de borst en kijk of hij genoeg gegeten heeft.


Een baby is verzadigd als:

  • Hij gem. 6 tot 8 x per dag (de eerste weken 8 tot 12 x) drinkt.
  • Hij ritmisch zuigt en luid slikt tijdens de voeding.
  • Hij min. 6 plasluiers per dag heeft en zijn urine kleurloos tot lichtgeel is.
  • Hij in de eerste weken regelmatig stoelgangluiers heeft.
  • Hij er levendig, tevreden en gelukkig uit ziet.

Slaperige kindjes moeten soms echt gestimuleerd worden om door te drinken. Als het kindje echt na een paar slokjes in slaap valt, kan je hem stimuleren langer te drinken door borstcompressie, door te wisselen van borst en hem tussendoor wakker te maken.

Als je het verschil leert kennen tussen 'zuigen om te eten' en 'zuigen voor het plezier', kan je zelf de voeding inkorten als dat nodig moest zijn.  

Hou rekening met dagen van groeispurten, een vooruitgang in groei en ontwikkeling. Dit gaat gepaard met meer honger waarbij de baby enkele dagen onrustiger is en frequenter drinkt. Leg de baby vaker aan, om meer melk te produceren. Na enkele dagen komt de baby weer op zijn ritme. Voed altijd op vraag.