Maken


Flesvoeding bereiden

Water

Flessenwater

  • Mineraalarm, niet-bruisend flessenwater krijgt de voorkeur.
  • Kook flessenwater niet. Ga steeds hygiënisch te werk. Sluit de fles onmiddellijk goed af na gebruik, gebruik ze enkel voor het bereiden van flesvoeding en bewaar ze op een koele plaats. Gebruik een geopende fles water binnen de 24 uur.
  • Het water mag niet afkomstig zijn van 'gekoelde fonteinen' of andere types van waterpunten of waterverpakkingen. Het tapsysteem is niet hygiënisch genoeg en het water blijft daar te lang in staan.

Geschikt voor de bereiding van babyvoeding

Het is aan te bevelen water te gebruiken met de vermelding 'geschikt voor de bereiding van babyvoeding'. Dat betekent dat zij een gunstig advies kregen van de Hoge Gezondheidsraad.

Niet op elk etiket van fleswater staat de vermelding ‘geschikt voor de bereiding van babyvoeding’ vermeld. Hou volgende mineralen dan in het oog om na te gaan of dit water kan gebruikt worden of niet.

Kies water met:

  • een laag nitraatgehalte: maximum 25 mg per liter
  • een laag natriumgehalte (Na = zout), namelijk minder dan 50 mg per liter. Te veel natrium (zout) belast de nieren van de baby.
  • een laag sulfaatgehalte (SO4): maximum 140 mg per liter
  • een laag fluorgehalte (F): maximum 1 mg per liter
  • een laag calciumgehalte (Ca): maximum 100 mg per liter
  • een laag magnesiumgehalte (Mg): maximum 50 mg per liter
  • een laag chloorgehalte (Cl): maximum 250 mg per liter
  • een laag selenium (Se): maximum 12 mcg per liter
  • een totale droogrest (of résidu sec op het etiket) niet hoger dan 500 mg per liter

De criteria voor fluor en selenium staan nog niet standaard op elk etiket vermeld. Wanneer de rest van de bovenstaande criteria wel voldoen, kan het water wel gebruikt worden.

Blijf dergelijk water gebruiken zolang het voor de bereiding van flesvoeding is, ook na de leeftijd van 12 maanden.


Leidingwater

Leidingwater is bruikbaar mits enkele voorwaarden.

  • Water moet zo weinig mogelijk nitraat en natrium (= zout) bevatten. Nitraat op zich is niet schadelijk. Wel kan nitraat zich omzetten in nitriet. Een teveel aan nitriet leidt tot onvoldoende zuurstoftransport in het bloed. Voor baby's is maximaal 25 mg nitraat per liter water veilig. In bepaalde streken kan dit nitraatgehalte overschreden worden. Meer informatie is verkrijgbaar bij je watermaatschappij. Respecteer sowieso de ontluchtingstijd: laat het water even stromen alvorens het op te vangen.
  • Het water mag niet uit loden leidingen komen.
  • Zorg dat er geen rechtstreekse verbinding is tussen het leidingwatercircuit en circuits voor ander water (bv. regenwater).
  • Gebruik alleen koud water rechtstreeks uit de kraan, want lauw of warm water afkomstig uit geisers of boilers kan metalen bevatten.
  • Onderhoud de kraan en de onmiddellijke omgeving ervan zeer goed.
  • Het water moet niet gekookt worden en er mogen geen ontsmettende middelen aan toegevoegd worden.
  • Het water mag niet gefilterd worden (filterende fles of ander type thuisfiltratiemethode) of een ontharding ondergaan.

Meer informatie


Putwater

  • Gebruik geen putwater voor de bereiding van flesvoeding. De kwaliteit van putwater kan sterk variëren in de tijd. Er kunnen ziekmakende bacteriën, andere verontreinigingen of te veel mineralen in zitten. Jonge kinderen zijn extra kwetsbaar voor vervuild water.

Meer informatie

Melkpoeder

  • De normale verhouding is: 1 afgestreken maatschepje melkpoeder per 30 ml water.  
  • Het maatschepje moet volledig vol zijn (afgestreken). Druk het poeder niet aan. Gebruik enkel het maatschepje dat hoort bij de gebruikte melkvoeding. Een maatschepje uit een andere voeding kan een andere dosering tot gevolg hebben.
  • Meer maatschepjes maakt de melk te geconcentreerd. De baby krijgt dan minder vocht binnen. Hij kan verstopt raken en zijn spijsvertering en nieren worden zwaarder belast.
  • Voeg ook geen extra maatschepjes toe tegen de honger. Geef de baby gewoon iets meer melk met de juiste concentratie.
  • Minder maatschepjes maakt de melk te waterachtig. De baby krijgt dan niet voldoende voedingsstoffen binnen voor een normale groei en ontwikkeling.
  • Een arts kan wel voor een korte tijd een andere verhouding poedermelk/water voorschrijven.
  • Voeg geen meel of graanvlokken toe voor baby's onder de 4 maanden. Die boodschap staat trouwens (wettelijk verplicht) op de verpakking van meel en graanvlokken. Melk levert alle nodige voedingsstoffen. Het toevoegen van meel en graanvlokken verstoort het evenwicht.

Bereiding

  • Giet het nodige water in een gesteriliseerde fles. Hou - afhankelijk van de bereidingswijze vermeld op de verpakking - het water op koelkasttemperatuur of warm het op tot 37 °C à 40 °C.
  • Voeg het aangewezen aantal maatschepjes toe.
  • Sluit de fles af met de ring met dekseltje of andere voorziene sluiting, zonder de speen.
  • Rol - afhankelijk van de bereidingswijze vermeld op de verpakking - de fles al dan niet eerst tussen de handen en schud tot alles is opgelost. Schud niet te hevig, anders komt er lucht in de fles.
  • Zet de ring met de speen op de zuigfles zonder de speen aan te raken.
  • Geef de fles die tot 37 °C à 40 °C werd opgewarmd aan de baby. Voel altijd op de binnenkant van de pols of de melk niet te warm is.

Maak de melk altijd vlak voor de voeding klaar. Melk is namelijk een ideale voedingsbodem voor de groei van bacteriën. Door de melk lang op voorhand klaar te maken, krijgen bacteriën de kans om zich in de melk te ontwikkelen. De baby kan er ziek van worden.

Opwarmen

Warm op in een warmwaterbad (au bain-marie), in een elektrische flessenwarmer of in een microgolfoven.

  • Zoek bij een microgolfoven eerst de ideale opwarmtijd: die is afhankelijk van het vermogen van de oven en van de hoeveelheid melk.
  • De microgolfoven warmt de melk ongelijkmatig op. Rol het flesje goed tussen de handen om de warmte te verdelen. Controleer steeds de temperatuur.
  • Warm de flesvoeding niet opnieuw op, behalve tijdens dezelfde maaltijd omdat de melk koud is geworden als de baby bijvoorbeeld langzaam drinkt.
  • Bewaar nooit restjes. Giet ze na de voeding weg.
  • Voor zuigelingenvoedingen met toevoeging van probiotica, warm best eerst het water op tot 37 °C à 40 °C alvorens het poeder toe te voegen. Probiotica zijn immers niet bestand tegen hoge temperatuur. 

Lauwe of koude melk?

Normaal wordt melkvoeding op lichaamstemperatuur (ongeveer 37 °C) gegeven. Je mag ze ook op kamertemperatuur (ongeveer 20 °C) geven. Geef het flesje sowieso niet te koud, maar laat ze ook niet koken.

Het is aangeraden water max. 24 uur in de koelkast (voorkeur HGR) te bewaren. Dit is te koel om melkvoeding te bereiden en maakt dat opwarmen voor de bereiding van melkvoeding tot 20°C toch nodig is.

Laat ook kant-en klare melk uit de koelkast niet vanzelf tot kamertemperatuur komen. Dit duurt te lang. Kiemen kunnen zich dan sneller ontwikkelen en infecties veroorzaken bij de baby.