Of voel je je niet gehoord?
We luisteren er graag naar. Je kan je klacht rechtstreeks bespreken met onze medewerker. Als je dat moeilijk vindt, kan je contact opnemen met Opgroeipunt.
Thema's van Kind en GezinOf voel je je niet gehoord?
We luisteren er graag naar. Je kan je klacht rechtstreeks bespreken met onze medewerker. Als je dat moeilijk vindt, kan je contact opnemen met Opgroeipunt.
Thema's van Kind en GezinTwee keer per jaar verandert het uur. Sommige kinderen passen zich vanzelf aan het nieuwe ritme aan. Andere hebben wat meer tijd nodig om te wennen.
Met de wintertijd komen de korte dagen en knusse avonden. We zetten de klok één uur achteruit: 3 uur wordt 2 uur. Sommige kinderen hebben even tijd nodig om te wennen aan het nieuwe ritme van de wintertijd, bij anderen net heel vlot en pikken snel het nieuwe ritme op. Je kind kan ’s avonds moe zijn vóór bedtijd en over de slaap heen zijn als het dan effectief bedtijd is. ’s Ochtends kan je kind vroeger wakker zijn.
Hou het vertrouwde bedtijdritueel aan. Een vaste volgorde bij het slapengaan helpt je kind beter in slaapmodus te komen. Eerst pyjama aan, dan tanden poetsen, een verhaaltje voorlezen en een liedje zingen bijvoorbeeld. Door telkens dezelfde volgorde aan te houden, kan je kind rustiger en vlotter in slaap vallen.
Zomertijd is iets om naar uit te kijken, met langere en lichtere dagen. Als de zomertijd ingaat, zetten we de klok één uur vooruit: 2 uur wordt 3 uur. Gevoelsmatig betekent dit een uur vroeger opstaan en gaan slapen.
’s Avonds helpt het om in de woonkamer de gordijnen wat sneller dicht te doe en het licht te dimmen. De dag afbouwen helpt om ontspannen te gaan slapen. Zet in op rustgevende activiteiten en bewaar actieve spelletjes voor de nieuwe dag. Rust en schemer brengen de slaaphormonen op gang.
Hou het vertrouwde bedtijdritueel aan. Een vaste volgorde bij het slapengaan helpt je kind beter in slaapmodus te komen. Eerst pyjama aan, dan tanden poetsen, een verhaaltje voorlezen en een liedje zingen bijvoorbeeld. Door telkens dezelfde volgorde aan te houden, kan je kind rustiger en vlotter in slaap vallen.
Maak het echt donker in de slaapkamer van je kind. Het daglicht bij bedtijd in de zomertijd kan ervoor zorgen dat je kind moeilijker in slaap valt. Verduisterende gordijnen kunnen hierbij helpen.
Zorg ‘s ochtends voor veel daglicht en zuurstof en zorg al vroeg voor beweging of iets actiefs. Dit help om aan te passen aan het nieuwe ritme. Probeer vaak naar buiten te gaan met je kind als dat kan.
SlapenSlaapwandelen komt vooral voor bij kinderen tussen 3 en 5 jaar. Het is een vrij normaal verschijnsel en verdwijnt doorgaans vanzelf. Slaapwandelen treedt meestal op tijdens de eerste uren van de nacht. Het kan enkele minuten tot een halfuur duren.
Een kind dat slaapwandelt heeft de ogen open, maar reageert nauwelijks op wat je zegt of doet. Het kind zal ongericht rondlopen, hier en daar een deur openen en uiteindelijk weer in bed gaan liggen.
Je kan weinig doen om slaapwandelen te voorkomen. Bescherm je kind wel tegen mogelijke ongelukken. Kinderen weten helemaal niet goed wat ze doen tijdens hun nachtelijke ronde. Neem voorzorgsmaatregelen:
Een kind dat slaapwandelt, maak je best niet wakker. Je kind weet niet waar hij of zij zich bevindt en hoe hij of zij daar gekomen is. Wakker maken kan een paniekgevoel veroorzaken, waardoor je kind bang wordt om opnieuw in te slapen.
Je kan je kind bij de hand nemen en het langzaam, zonder te praten, weer naar bed leiden.
SlapenNachtmerries spelen zich af in een droom, waarna je kind wakker wordt. Ze komen vooral voor bij kinderen van 4 tot 6 jaar. In deze periode beleven kinderen de wereld rondom hen heel intens. ’s Nachts verwerken ze de belevenissen en gevoelens van de afgelopen dag. Hierdoor dromen kleuters zeer levendig. Monsters en spoken nemen de plaats in van de belevenissen die kinderen overdag als bedreigend of overdonderend hebben ervaren.
Soms schreeuwt je kind luid en gaat rechtop in bed zitten. Meestal merk je een angstige uitdrukking op het gezicht en wijd opengesperde ogen. Je kind zweet en ademt snel. Je kind lijkt wakker, maar is het niet. Typisch is dat je kind zich er de volgende morgen niets van kan herinneren. Dit komt het vaakst voor bij kinderen rond de leeftijd van 5 jaar.
Je hoeft je kind niet te wekken (anders dan bij een nachtmerrie). Wacht af tot de aanval na enkele minuten vanzelf overgaat en je kind weer in een normale slaap valt.
SlapenSommige kinderen voeren met hun hoofd of romp een aantal herhaalde bewegingen uit voor of tijdens het inslapen, of ’s nachts. Ze bewegen met hun hoofd van voren naar achteren of slaan het ergens tegenaan, zoals de bedrand of de muur. Het kan zijn dat je kind zijn of haar hoofd of zelfs hele lichaam heen en weer rolt of op handen en voeten heen en weer beweegt. Sommige kinderen maken hier een brommend geluid bij. Dit gebeurt allemaal onbewust.
Over het algemeen gaan kinderen niet zo ver dat ze zichzelf werkelijk verwonden. Sommige kinderen krijgen wel blauwe plekken op hun hoofd. Gek genoeg ervaren deze kinderen ook dan meestal geen pijn.
Hoofdbonken net voor of tijdens het slapen komt vrij veel voor bij jonge kinderen. Doorgaans moet je je geen zorgen maken. Op de leeftijd van 9 maanden vertoont meer dan de helft van de kinderen dit gedrag wel eens. Op 18 maanden is dit nog maar een op de drie en op 2 jaar nog maar een op de vijf. In de meeste gevallen verdwijnt het vanzelf rond de lagere schoolleeftijd.
Kinderen doen dit vaak om zichzelf tot rust te brengen of in slaap te wiegen.
Waarom doet het ene kind dit wel en het andere niet?
Heb je vragen of wil je het gedrag van je kind bespreken? Je kan terecht bij je verpleegkundige van Kind en Gezin, bij de arts van het consultatiebureau of bij je huisarts.
Zindelijk worden valt voor veel kinderen samen met de peuterpuberteit . Het is de periode waarin je kind ontdekt dat hij of zij zelf dingen kan bepalen, invloed kan hebben op de omgeving en graag controle heeft over hoe de dingen verlopen. Wanneer je peuter niet zelf kan bepalen wat er gebeurt, verzet hij of zij zich vaak.
Wat nu?
Veranderingen in het leven van je kind kunnen heel wat aanpassing vragen en gepaard gaan met spanning. Een verhuis, de komst van een nieuwe baby, een grootouder die ziek wordt ... kunnen ervoor zorgen dat zindelijk worden even minder vlot gaat of dat je kindje zelfs en stap terugzet. Heb vertrouwen en geduld, meestal gaat het weer goed zodra er weer meer rust is.
Hoe kan je best reageren?
Het kan ook zijn dat je kind geschrokken is van de reactie van een volwassenen tijdens een toiletmoment (bv. grootouder die een andere aanpak heeft of andere verwachtingen in de kinderopvang). Ga in gesprek hierover. Zoek samen naar afstemming en hoe je kind terug vertrouwen kan krijgen.
Als je geen verbetering ziet na enkele weken, vraag dan hulp. Je kan terecht bij het Huis van het Kind in jouw buurt voor het lokale aanbod of contacteer de Kind en Gezin-Lijn.
ZindelijkheidAls een kind stoelgang smeert, kan dit verschillende oorzaken hebben:
Als je geen verbetering ziet na enkele weken, vraag dan hulp. Je kan terecht bij het Huis van het Kind in jouw buurt voor het lokale aanbod of contacteer de Kind en Gezin-Lijn.
Zindelijkheid