Tandbederf of cariës is een aantasting van het tandglazuur. Cariës aan de melktanden kan de kiem van de definitieve tanden aantasten.
Ga snel naar
Gedurende de dag ontstaat er op je tanden een zacht, witgeel, kleverig laagje. Dit is tandplak (tandplaque). Het ontstaat door het samenklonteren van voedselresten, slijm en bacteriën. De bacteriën zijn voornamelijk afkomstig uit je speeksel. Deze bacteriën zetten suikers uit voeding om in zuren, die gaatjes veroorzaken in de tanden. Dit gebeurt met alle voeding in de mond, ook met suikers uit melk en fruit. Om tandbederf en tandvleesontstekingen te voorkomen moet de tandplak verwijderd worden door te poetsen.
Fluoride
Fluoride beschermt de tanden tegen tandbederf.
Eet je suiker, dan volgt er een zuurstoot die je tandglazuur aantast. Als er fluoride in het speeksel en in het tandplak is, lossen de mineralen uit het tandglazuur minder snel op.
Vóór de doorbraak van de tandjes heeft het kind géén extra fluor nodig.
Fluorose
Een te grote hoeveelheid fluor kan schadelijk zijn. Het kan fluorose veroorzaken, dit zijn witte krijtstrepen op de tanden. Een kind kan de resterende tandpasta in zijn mond niet zo goed uitspuwen en slikt vaak een groot deel van de tandpasta in. Volg de aanbevelingen om te voorkomen dat je teveel tandpasta gebruikt.
Mythes over fluoride
Voeding
Voedingsgewoonten hebben een impact op de gezondheid van de mond en de tanden. Welke voedingsmiddelen je eet en drinkt, zijn van belang, maar ook op welke momenten.
Tandbederf ontstaat door inwerking van zuren op het tandglazuur. Deze zuren zijn aanwezig in bepaalde voedingsmiddelen zoals frisdrank, zure snoep, fruitsap, citrusvruchten ... Maar die zuren worden ook aangemaakt als suikers door bacteriën in de mond worden omgezet tot zuren. Dat gebeurt na het eten van snoep, chocolade, koeken, gezoete melkdranken, honing ... Je hoeft daarvoor niet al deze voedingsmiddelen te schrappen. Citrusvruchten en ander fruit blijven bijvoorbeeld belangrijk voor de aanbreng van vitaminen en voedingsvezels.
Met een aantal goede gewoonten kunnen de tanden zich herstellen na een zuurstoot:
- Gun het gebit van je kindje rustpauzes tussen de eetmomenten: 3 hoofdmaaltijden en 2 tussendoortjes vanaf de peuterleeftijd zijn voldoende. Zo heeft het tandglazuur de kans om zich te herstellen.
- Als je een suikerrijk, plakkerig of zuur tussendoortje geeft, doe dat dan vlak na de maaltijd zodat het gebit nadien kan rusten. Beloon niet met snoep.
- Drink wat water na een suikerrijk, zuur of plakkerig tussendoortje.
- Geef zeker geen flesvoeding mee in bed. 's Nachts produceert een baby minder speeksel en slikt minder vaak. Een zoete slok blijft daardoor langer in de mond en zo is het voor de tanden nog moeilijker om zich te herstellen
- Besmeer een zuigflesje of fopspeen niet met zoetigheid zoals honing.
- Stop een gevallen fop- of flesspeen nooit in je eigen mond om te reinigen. Laat kinderen onderling ook niet van fopspeen wisselen. De bacteriën kunnen via een fopspeen uit de mondflora van een volwassene (of ander kind) worden doorgegeven naar de mond van het kind.
Meer tips kan je vinden op gezondemond.be
Zuigflescariës
Zuigflescariës is een zeer vroegtijdige vorm van tandbederf. Het begint aan de boventanden kort nadat ze zijn doorgebroken. Zuigflescariës ontstaat na veelvuldig en langdurig contact met een zuigfles met suiker bevattende drank (vruchtensap, gesuikerde thee, melkdrank ...). De tanden hebben dan weinig kans om zich te herstellen na de vorige zuurstoot.