Baby-led weaning

De 'baby-led weaning methode' (BLW) is een manier om baby's zelf van bij de start zachte stukjes te laten eten. De methode gaat uit van de zelfstandigheid van een kind waarbij hij of zij de voedingsmiddelen met de eigen zintuigen leert kennen en zelf bepaalt wat en hoeveel hij of zij eet. Tekenen van honger en verzadiging, en de ontwikkeling van grove, fijne en mondmotoriek zijn een belangrijke leidraad. De methode speelt in op de aangeboren drang van een baby om te onderzoeken, experimenteren en imiteren.

Het invoeren van vaste voeding volgens de BLW methode:

  • Vaste bijvoeding wordt gestart wanneer een kind er klaar voor is. Het is belangrijk naar je kind zelf te kijken om te bepalen of hij of zij er klaar voor is. Dit is meestal vanaf 6 maanden. Hij of zij kan goed rechtop zitten, grijpt naar stukjes, kan ze vastnemen en naar de mond brengen en toont interesse voor voeding. Een kind van 6 maanden wil zelfstandig zijn, heeft een sterker immuunsysteem en een betere mondmotorische ontwikkeling.
  • De methode is natuurlijk en logisch en legt de basis voor een gezond eetpatroon.
  • Het kind kiest zelf wat hij of zij in de mond brengt om op te eten (niet de verzorger).
  • Voedingsmiddelen worden aangeboden onder vorm van zachte vuistgrote stukken en niet onder gepureerde of geplette vorm.

Ouders en verzorgers van kinderen die op deze wijze voeding krijgen aangeboden, volgen een aantal principes, zoals:

  • De eerste 6 levensmaanden wordt borstvoeding op vraag gegeven, als kunstvoeding of gemengde voeding wordt aangeboden, wordt deze ook op vraag gegeven. Ze gaan er van uit dat baby’s laten zien als ze klaar zijn om vaste voeding te proberen, als ze hiertoe de kans krijgen. Het is belangrijk voldoende melkvoeding te blijven aanbieden eens BLW werd opgestart om in voldoende energie te voorzien. 
  • Bij de variant van BLW, ontworpen door Gill Rapley, worden bij de opstart van vaste voeding (vanaf 6 maanden) geen fijngemaakte (gepureerde of geplette) voedingsmiddelen gegeven, maar zachte vuistgrote stukken die eerst met de handen/vingers en later met de hulp van bestek in de mond gebracht worden en waaraan ze sabbelen/bijten. Het kan gaan om gestoomde of gekookte groenten, fruit, ei, vlees enz.
  • Er wordt samen aan tafel gezeten: kinderen en volwassenen op eenzelfde moment, met dezelfde voedingsproducten.
  • Het kind bepaalt zelf welke van de aangeboden voedingsproducten worden ingenomen en bepaalt zelf de hoeveelheid eten en leert dus op eigen tempo eten.

Volgens Gill Rapley zullen kinderen op deze wijze gevoed:

  • Frequenter en langduriger kunnen oefenen waardoor alleen eten sneller verworven is.
  • Makkelijker nieuwe voedingsmiddelen innemen omwille van de kleuren, texturen en smaken.
  • Een voeding van betere kwaliteit aangeboden krijgen.
  • Beter de voedselinname kunnen reguleren.
  • Minder voedingsproblemen hebben, eten blijft aangenaam ( er is geen druk om nog 1 hapje te nemen wat een natuurlijke eetlust toelaat).
  • Minder kans hebben op ontwikkelen van overgewicht en obesitas.

Er is nood aan meer onderzoek dat potentiële voordelen en risico’s meer en beter kan documenteren.

  • Meer onderzoek is nodig om de BLW-methode als ‘beter en gezonder’ te gaan omschrijven en er een aanbeveling van te maken.
  • Er zijn geen eenduidige resultaten over een verband tussen de BLW-methode en de kans op ontwikkelen van overgewicht en obesitas. Voeding en leefstijl zijn hier mede bepalend.