Van grijpen tot schrijven

Fijne, gerichte bewegingen worden de fijne motoriek genoemd, bijvoorbeeld speelgoed oppakken, een puzzelstuk leggen, een kruimel oprapen, met een potlood op papier krabbelen... De mate waarin je kind fijne spieren leert beheersen, hangt af van zijn of haar lichamelijke rijpheid en aanleg. Je kan je kind hierin ook stimuleren. 

Je baby leert geleidelijk fijnere bewegingen te maken met de handen, vingers en voeten. Hij of zij krijgt in kleine stapjes en met de hulp van jou steeds meer controle over zijn of haar bewegingen.

Ga snel naar

    Grijpreflex

    Je pasgeboren baby reageert bij aanrakingen met allerlei reflexen. Dit zijn onbewuste, stereotiepe reacties die niet tegen te houden zijn.

    Een pasgeboren baby heeft al een grijpreflex: 

    • Zijn of haar handjes zijn tot vuistjes gebald, gaan even open als je over de rug van het handje strijkt.
    • Je baby grijpt dan weer krachtig als er in zijn of haarhandpalm geduwd wordt.

    Pas rond het einde van de derde maand zijn de handjes meestal open.

    De fijne motoriek van je baby op 0 - 2 maanden

    Link naar video: Kijk ik Groei! - de fijne motoriek van je baby op 0-2 maanden
    Kijk ik Groei! - de fijne motoriek van je baby op 0-2 maanden

    Geboeid door de eigen handjes

    Rond 3 à 4 maanden is een baby erg geboeid door zijn of haar handjes.

    Je baby leert zijn of haar handen samen te brengen boven zijn of haar buik en kan zo met zijn of haar eigen vingers spelen.

    Daarnaast kan je baby zijn of haar handen soms minutenlang bestuderen.

    Grijpen

    Kijken naar en spelen met de eigen vingers blijft een boeiende activiteit. Daarna begint je kind gerichter en vol interesse naar andere dingen te grijpen.

    1. In het begin slaat je baby in de richting van of naar een voorwerp. Stilaan lukt het beter om echt een voorwerp te grijpen. Je kind kan steeds beter een speelgoedje dat boven hem of haar hangt of voor hem of haar ligt, pakken zonder veel te mikken.
    2. Vanaf 4 à 5 maanden is je baby in staat dingen goed te grijpen.
    3. Tussen 3,5 maanden en 6 maanden leert je baby een voorwerp te grijpen en vast te houden.
    4. Tussen 5 en 9 maanden kan je baby al 2 voorwerpen vasthouden.
    5. Meestal grijpt je kind eerst met beide handen. Vanaf 6 à 8 maanden begint hij of zij met één hand te grijpen.
    6. Tussen 8 tot 14 maanden kan je baby 3 voorwerpen vasthouden. 

    De fijne motoriek van je baby op 4 - 6 maanden

    Link naar video: Kijk ik Groei! - De fijne motoriek van je baby op 4 tot 6 maanden
    Kijk ik Groei! - De fijne motoriek van je baby op 4 tot 6 maanden

    Van de ene hand naar de andere

    De twee handen van je baby leren steeds beter samenwerken.

    Rond 6 maanden kan je baby een voorwerp overnemen van de ene hand in de andere.

    Onderzoeken met de handen

    Tussen 6 en 9 maanden leert je kind een voorwerp van de ene hand in de andere hand overpakken en ronddraaien. Hij of zij gebruikt steeds meer de vingertoppen. Je kind gaat voorwerpen verder verkennen door zijn of haar fijne motoriek te gebruiken:

    • met de vlakke hand tegen dingen slaan
    • voorwerpen tegen elkaar slaan
    • voorwerpen opzettelijk laten vallen
    • een handje in een beker stoppen

    De fijne motoriek van je baby op 6 - 8 maanden

    Link naar video: Kijk ik Groei! - De fijne motoriek van je baby op 6 tot 8 maanden
    Kijk ik Groei! - De fijne motoriek van je baby op 6 tot 8 maanden

    De fijne motoriek van je baby op 8 - 12 maanden

    Link naar video: Kijk ik Groei! - de fijne motoriek van je baby op 8-12 maanden
    Kijk ik Groei! - de fijne motoriek van je baby op 8-12 maanden

    Pincetgreep en tweevingergreep

    De interesse van een baby voor details bereikt een hoogtepunt op 9 à 12 maanden.

    De meeste kinderen kunnen nu met de toppen van duim en wijsvinger een klein voorwerp zoals een kruimeltje of een rozijn oprapen. Het gebruik van duim en wijsvinger op deze manier, noemen we de pincetgreep.

    • Tussen 9 en 15 maanden kiest je baby de ‘tweevingergreep’ met enkel de duim en de wijsvinger om redelijk kleine voorwerpen te pakken.
    • Vanaf 12 maanden zal je baby fijnere bewegingen met zijn of haar handjes kunnen uitvoeren. Geef hem of haar een autootje om voort te duwen, blokjes om op elkaar te stapelen, een blad papier en dikke kleurpotloden of wasco’s, een kartonnen doosje, een houten lepel in een blikken doos, een borstel, een wasknijper …

    De fijne motoriek van je kind op 12 - 18 maanden

    Link naar video: Kijk ik Groei! - de fijne motoriek van je kind op 12-18 maanden
    Kijk ik Groei! - de fijne motoriek van je kind op 12-18 maanden

    Je kind wordt zelfstandiger

    De betere beheersing van de kleine spieren in handen en vingers laat toe dat je kind de wereld rondom hem of haar verder kan verkennen. Hij of zij kan alsmaar meer taakjes zelfstandig aan:

    • deksels openen en sluiten
    • pagina’s van boeken omslaan
    • voorwerpen in een kom, tas of doos stoppen en er weer uithalen
    • muziek maken door lepels tegen elkaar te slaan
    • autootjes voortduwen
    • met een potje in een emmer zand scheppen
    • een toren bouwen (een 7-tal blokken rond 2 jaar)
    • een sleutel in een slot steken
    • de velcro’s van schoenen sluiten
    • een ketting met grote kralen rijgen (rond 18 maanden)
    • ringen op een stok schuiven

    Eten met een vork

    Rond 18 maanden leert je kind een vork gebruiken om te eten. Je kind kan stukjes opprikken en afhappen.

    Toch is het nog lastig om de vork, vastgehouden in zijn of haar volle vuistje, naar zijn of haar mond te brengen. Daarom eet een kindje nog graag met zijn of haar handen. Geef hem of haar bijvoorbeeld stukjes fruit of brood.

    Tekenen

    Als je kind 2 jaar is, begint hij of zij te tekenen als bewegingsspel.

    Tekenen is vaak een toevallige ontdekking: je kind merkt dat er iets op het papier achterblijft als hij of zij met een potlood zwaaibewegingen maakt. Het met opzet ‘krassen’ begint. Een kind beleeft plezier aan het maken van ritmische bewegingen en het tevoorschijn toveren van lijnen die er voordien nog niet waren.

    1. Meestal begint je kind met horizontale krassen. Pas daarna begint je kind verticale krassen te maken en nadien tekent hij of zij krassen in het rond
    2. Geleidelijk worden de bewegingen beheerster: de krassen worden ‘krabbels’.
    3. Als een kind 3 jaar is, worden er figuren zichtbaar: een losse lijn, een recht kruis, een cirkel, een vierkant, een driehoek en een schuin kruis. Uiteraard zijn deze figuren niet perfect, maar ze zijn wel duidelijk herkenbaar. Er volgt een geweldige ontdekking: je kind ziet hij of zie iets getekend heeft dat lijkt op iets dat hij of zij kent. Vrijwel altijd wordt eerst de cirkel herkend: die lijkt op een gezicht of op de zon. Een kind gaat pas achteraf noemen wat hij of zij getekend heeft. Vooraf heeft het nog niets in zijn of haar hoofd.
    4. Het eerste wat een kind bewust gaat tekenen is een mens (vanaf 5 jaar). Het menselijk gezicht is het duidelijkst omdat dat het belangrijkste is voor een kind. De armen en benen tekent hij of zij rechtstreeks aan het hoofd. Zulke tekeningen worden ‘kopvoeters’ genoemd.

    De fijne motoriek van je kind op 18 - 24 maanden

    Link naar video: Kijk ik Groei! - de fijne motoriek van je kind op 18-24 maanden
    Kijk ik Groei! - de fijne motoriek van je kind op 18-24 maanden

    De fijne motoriek van je kind op 24 - 36 maanden

    Link naar video: Kijk ik Groei! - de fijne motoriek van je kind op 24-36 maanden
    Kijk ik Groei! - de fijne motoriek van je kind op 24-36 maanden

    Hoe fijne motoriek stimuleren?

    1. Stimuleren betekent niet alleen kansen geven om te oefenen. Stimuleren betekent een kind aanmoedigen en het complimentjes geven op wat het probeert of kan.
    2. Forceer een kind niet. Hou rekening met zijn tempo. Het kan pas iets nieuws bijleren als het eraan toe is en zijn spieren sterk genoeg zijn. Het heeft bijvoorbeeld geen zin om een baby op 6 maanden al te leren tekenen. De handjes van de baby zijn dan nog niet voldoende ontwikkeld om iets fijns als een kleurpotlood vast te houden.
    3. Een kind is in volle ontwikkeling. Plots kan het dingen die het daarvoor niet kon. Het kind wil immers alles verkennen en kent nog geen gevaren. Wees extra waakzaam en alert op het voorkomen van ongevallen.
    4. Geef een kind leuke en aantrekkelijke speelgoedjes die het zelf kan ontdekken.
    5. Wanneer het leert grijpen (rond de leeftijd van 4 à 5 maanden), zal het geboeid zijn door alles wat nieuw is. Leg het kind bijvoorbeeld op een tapijt en leg er een stuk speelgoed bij.