Postnataal onderzoek en ongemakken

Ga snel naar

    Postnataal onderzoek en postnatale kinesitherapie

    Ongeveer 6 weken na de bevalling ga je op consultatie voor een postnataal onderzoeken wordt meestal uitgevoerd door de arts of vroedvrouw die de zwangerschap en bevalling begeleidde.

    Tegen die tijd ben je vaak nog niet volledig hersteld. Net als de 9 zwangerschapsmaanden, vergen de maanden na de geboorte nog heel wat van de pas bevallen mama.

    Het postnataal onderzoek is van belang om de algemene gezondheidstoestand van de mama na afloop van de zwangerschap en bevalling te onderzoeken. Er wordt onder meer een vaginaal onderzoek uitgevoerd en gevraagd hoe de periode na de bevalling tot dan toe is verlopen. Onderwerpen als ongemakken, maandstonden, contraceptie, seksualiteit, postnatale kinesitherapie, ... kunnen besproken worden

    Het is goed om na de bevalling postnatale kinesitherapie te volgen om je lichaam te helpen herstellen. Je kan dan ook bij de kinesitherapeut langsgaan om het perineum en de buikspieren te laten controleren of die sterk genoeg zijn en terug netjes op hun plaats komen te zitten. Ook als je last hebt van andere klachten zoals rugpijn, bekkenpijn ... kan dit besproken worden met de kinesist. 

    Lees ook even de tips om voldoende te bewegen (tijdens en) na de zwangerschap

    Postnatale ongemakken

    Na de geboorte breekt er een gezellige drukke periode aan waarin de ouders langzaam zich aanpassen aan hun nieuwe gezinssituatie. Maar die drukke periode eist ook vaak veel energie.

    Bezoek ontvangen, voor de baby zorgen, flesjes maken of borstvoeden ... het is soms wat veel om het allemaal te combineren terwijl de bevallen mama nog volop aan het recuperen is van de ingrepen die een bevalling met zich meebrengt. Het lichaam herstelt nog van de knip of scheur of de verzorging van de wonde van de keizersnede. Mama's die via keizersnede bevallen hebben het de eerste dagen moeilijker om te stappen en mogen enkele weken geen heel zware dingen dragen (behalve de baby natuurlijk). 

    Ongemakken in de maanden na de bevalling

    Net als de zwangerschapsmaanden, vergen de maanden na de geboorte heel wat van het lichaam van de pasbevallen mama. Een jaar na de bevalling treden vaak voor het eerst of nog steeds ongemakken op die gerelateerd zijn aan de zwangerschap, de bevalling en/of de nieuwe gezinssituatie. Het gaat om ongemakken die niet aanwezig waren vóór de zwangerschap.

    De meest voorkomende ongemakken zijn:

    • vermoeidheid
    • hoofdpijn
    • haaruitval
    • vaginaal verlies
    • rugpijn
    • slaapproblemen
    • ongewild urineverlies bij inspanningen
    • duizeligheid
    • aambeien
    • pijn in en rond de vagina
    • verstopping

    Deze ongemakken komen regelmatig samen voor en hebben ook vaak gevolgen op emotioneel, relationeel en seksueel gebied. De mama ervaart haar lichaam niet meer zoals vroeger, heeft pijn ter hoogte van de vagina bij het vrijen, voelt zich te moe om te vrijen of voelt zich niet aantrekkelijk voor haar partner. Er zijn spanningen in de relatie of partners hebben te weinig tijd voor elkaar.

    Het is belangrijk om ongemakken te (h)erkennen en te weten op welke (professionele) hulp beroep kan worden gedaan. Praat erover met je vrienden en familie en probeer ervaringen uit te wisselen met andere moeders. Het is belangrijk dat je op tijd je hart kan luchten en gepaste steun en hulp vindt.

    Blijf niet met vragen zitten, maar bespreek ze met de verpleegkundige van Kind en Gezin of de huisarts.

    Contraceptie

    De vruchtbaarheid van de vrouw herstelt zich in de eerste weken na de bevalling. Ze kan dan opnieuw zwanger worden.

    De verschillende vormen van contraceptie kunnen worden besproken na de bevalling, tijdens het ontslagonderzoek of postnataal onderzoek door de arts of vroedvrouw.

    Geeft de vrouw borstvoeding, dan kan de menstruatiecyclus later op gang komen. Borstvoeding biedt evenwel slechts gedeeltelijke bescherming tegen een nieuwe zwangerschap. Samen met de arts of vroedvrouw kan aangepaste contraceptie bij het geven van borstvoeding worden besproken.