Fasen in taalontwikkeling

Het tempo om taal te leren, verschilt sterk van kind tot kind. Sommigen spreken hun eerste woordje pas op 2 jaar, anderen doen dit al op 1 jaar. De taalontwikkeling van kinderen verloopt ook grillig en is heel beïnvloedbaar. De eerste 3 jaren zijn heel belangrijk voor de taalvaardigheid in het hele verdere leven. Ouders en opvoeders spelen een cruciale rol. 

Ga snel naar

    Grote ontwikkelingsfasen

    Er zijn 4 grote ontwikkelingsfasen in de ontwikkeling van taal: 

    1. Voortalige fase: van comfortgeluidjes naar brabbelen
    2. Vroegtalige fase: van eenwoordzinnen naar tweewoordzinnen
    3. Differentiatiefase: langere en complexere zinnen, uitspraak verfijnen, explosie woordenschat, uitbreiding van communicatieve functie van taal met niet-talige communicatie 
    4. Voltooiingsfase: het kind krijgt steeds meer inzicht in de taal.

     

    Taalontwikkeling bij baby’s

    Een baby communiceert door te huilen.

    De eerste glimlach verschijnt als de baby 6 à 8 weken is.

    Rond 2 maanden maakt de baby comfortgeluiden.

    • De baby laat gedeelten van tong en mond meebewegen en gaat tateren.
    • Er ontstaan nieuwe klanken (rrrr, gggg).
    • Baby speelt met toonhoogtes, roepen, grommen, krijsen, fluisteren …

    De baby brabbelt in een opeenvolging van dezelfde lettergrepen: ‘da-da-da’, ‘ma-ma-ma’ …

    • In het begin doet de baby dat nog niet taalspecifiek.
    • Geleidelijk aan vallen de klanken af die je kind nooit in zijn of haar omgeving hoort en gebruikt je kind enkel nog klanken die in de moedertaal voorkomen.
    Wist je dat?

    Rond 1 jaar kan je kind al hele verhalen vertellen vol onbegrijpelijke woorden, maar wel in de juist intonatie. Dat is sociaal brabbelen.

    Link naar video: Kijk ik Groei! - de communicatie en taal van je baby op 8-12 maanden
    Kijk ik Groei! - de communicatie en taal van je baby op 8-12 maanden

    Taalontwikkeling bij peuters

    Sommige kinderen leren nu hun eerste woordjes. Een kind begrijpt meer woorden dan hij of zij zelf al kan spreken.

    1. Rond 18 maanden begint je kind zinnen te maken met 2 woorden.
    2. De woordenschat breidt enorm uit: van 50 naar 600 worden in 2 jaar.
    3. Je peuter beseft dat alles een naam heeft.
    4. Geleidelijk aan maakt je peuter langere en complexere zinnen.
    5. Nadien verfijnt je peuter de uitspraak van woorden, zinsbouw en woordvorming.