Hoe stimuleer je de taalontwikkeling?

Ouders en andere opvoeders spelen een cruciale rol in de taalontwikkeling van hun kind. Je kan deze ontwikkeling voortdurend stimuleren door zoveel mogelijk met je kind te praten en hem of haar veel spreekkansen te bieden. 

Dit doe je best op een natuurlijke en spontane manier doorheen de dag, bijvoorbeeld door te verwoorden wat er gebeurt, wat je kind ziet en door te reageren op wat hij of zij zelf zegt. Taal leren gebeurt ook spelenderwijs, bijvoorbeeld door liedjes te zingen, rijmpjes op te zeggen maar ook door boekjes voor te lezen.

Ga snel naar

    3 principes van taalstimulering

    1. Praat veel met je kind, al van bij de geboorte. 
    2. Zorg voor een uitgebreid taalaanbod en geef feedback.
    3. Spreek de taal die je best kent en waarin je je best voelt.

    Taal stimuleren bij baby’s

    Baby’s reageren op taal. Ze vinden het heerlijk als je tegen hen praat. Door de hele dag door te vertellen wat je ziet en doet, leert een baby luisteren naar taal.

    Herhaling zorgt voor een veilige, herkenbare en vertrouwde sfeer waarin een kind nieuwe woorden en taalstructuren kan ontdekken.

    Tips

    1. Praat veel met je baby over wat je ziet, hoort, voelt, ervaart … Hij of zij luistert, neemt de taal op en beleeft de taal.
    2. Geef geregeld het woord aan je baby en stel vragen. Zijn of haar reactie is dan misschien niet verbaal, maar je baby reageert wel.
    3. Geef je baby tijd om te reageren.
    4. Reageer positief op gelaatsuitdrukkingen, bewegingen en geluidjes van je baby. 
    5. Speel in op de reactie van je baby en verwoordt wat hij of zij misschien wil zeggen. Zo ontdekt je baby het verband tussen taal en betekenis.
    6. Gebruik geen ‘babytaal’. Spreek correct en volledig. Zeg dus niet ‘Pappeke eten?’, maar wel ‘We gaan fruitpap eten’.
    7. Stimuleer je baby om je na te bootsen, door veel te herhalen. Ga ook zijn of haar geluidjes nabootsen.
    8. Wijs regelmatig dezelfde voorwerpen aan en benoem ze. Geleidelijk aan zal je baby leren het voorwerp zelf aan te wijzen als hij of zij het woord hoort.
    9. Liedjes, rijmpjes, verhaaltjes en klankspelletjes vindt je baby heel boeiend. 

    Veel spreekkansen bieden

    Een kind dat een nieuwe taal leert, gaat eerst door een ‘stille’ of ‘non-verbale’ periode. De duur van die periode verschilt van kind tot kind. Ook als je kind niet spreekt, leert hij of zij de taal. Je kind luistert, leert nieuwe woorden, wordt zich bewust van zinnen. Stimuleer je kind door hem of haar kansen te geven om te spreken.

    Tips om gesprekjes te voeren

    1. In een veilige en uitnodigende sfeer zal je kind spontaner praten.
    2. Voer individuele gesprekjes en gesprekjes in kleine kring.
    3. Sluit aan bij de belangstelling van je kind en toon oprecht aandacht.
    4. Kom op ooghoogte met je kind.
    5. Stimuleer je kind om te spreken, maar dwing hem of haar nooit.
    6. Geef je kind tijd om te reageren.
    7. Reageer spontaan en zorg onmiddellijk voor nieuwe spreekkansen.
    8. Let erop dat niet enkel assertieve kinderen aan het woord zijn. Bewaak de spreekkansen van elk kind.
    9. Lok spontane reacties uit door zelf iets ‘geks’ of ‘fouts’ te zeggen.
    Wist je dat?

    Sommige kinderen praten makkelijker via een pop of beer. Ze verwoorden wat de pop/beer doet, voelt, weet, denkt. Dat is minder direct dan rechtstreeks aangesproken worden.

    Tips om vragen te stellen

    Door vragen te stellen, krijgt je kind spreekkansen. De vragen bepalen hoe het gesprek verder verloopt. Zo zijn open vragen moeilijker, maar wel stimulerender dan gesloten vragen. Bijvoorbeeld:  ‘Speel je graag met blokken?’ in plaats van ‘Waar speel je graag mee?’

    1. Stel 1 vraag per spreekbeurt en ga er nadien verder op door. Overval je kind niet met een opeenstapeling van vragen over verschillende onderwerpen.
    2. Stel verschillende soorten vragen.
    3. Stem de vraag af op wat je kind kan, maar daag je kind ook uit.
    4. Stel vragen over onderwerpen die je kind boeiend vindt.
    5. Wissel vragen af met rustmomenten en momenten waarin je uitleg geeft en reageert op het antwoord van je kind.

    Tips om over complexe zaken te praten

    Voor een kind is het complex om over zaken te praten die niet aanwezig zijn in de omgeving (bv. de auto van oom Koen) of die zich in het verleden afspeelden. Op school leert je kleuter om helder en bondig over complexe zaken te praten. Laat je kind hier alvast aan wennen door

    1. Spontane gesprekken blijven belangrijk. Geef niet op wanneer een gesprek in het begin beperkt is. Geef je kind de tijd om te hierin te groeien.
    2. Ga dieper in op wat je kind aanbrengt.
    3. Sluit aan bij wat je kind vertelt, maar daag hem of haar ook uit om specifieker te zijn.
    4. Hoe ouder een kind, hoe verder je kunt weggaan van de eigen leefwereld van het kind. Praat over onbekende stukjes van de wereld, over ‘daar en toen’ (i.p.v. ‘hier en nu’) en over het perspectief van de ander.
    5. Bied taal aan die net iets moeilijker is dan de taal die je kind al kent.
    6. Ga bij voorlezen soms verder dan de tekst van het boek. Ga dieper in op het verhaal. Zo ontstaan vanzelf gesprekjes.

    Inspelen op wat je kind zegt

    Reageer positief als je kind spontaan iets zegt of antwoordt. Help je kind verwoorden wat hij of zij wil vertellen en neem de tijd om uit te zoeken wat hij of zij precies bedoelt.

    Tips om te reageren

    1. Vraag naar meer details of nieuwe aspecten. Zo toon je je interesse en vergroot je de spreekkansen voor je kind.
    2. Is het onduidelijk wat je kind bedoelt? Herhaal dan wat hij of zij vermoedelijk zegt en doe dit op een vraagtoon om bevestiging te krijgen.
    3. Daag je kind uit door te reageren op een speelse, plagende of uitdagende manier.
    4. Vraag door om te achterhalen wat je kind doet, denkt of voelt.

    Reageren op taalfouten

    Berisp kinderen niet als ze een taalfout maken, maar reageer door in het antwoord de juiste vorm aan te bieden. Dit ‘terugkaatsen’ is erg goed voor de taalverwerving.

    Het heeft zeer weinig effect om taalfouten bij je kind expliciet te verbeteren. Je kind heeft niet altijd door waarop de verbetering slaat en is veel meer bezig met de betekenis van de taal dan met de vorm. Het is beter om kinderen te voeden met rijk en correct taalaanbod.

    Een goed taalaanbod geven

    Een rijk taalaanbod

    De verleiding is vaak groot om je taal te vereenvoudigen als je met je kind praat. Toch is een rijk taalaanbod heel belangrijk om je kind klanken, woorden en intonatie te leren.

    • Spreek rustig en gebruik korte, maar volledige zinnen.
    • Vertrek vanuit concrete ervaringen die zich hier en nu voordoen.
    • Praat op een spontane en natuurlijke manier over wat je kind doet en beleeft.
    • Leg de nadruk op kernwoorden door verandering in toonhoogte, tempo, volume, plaats in de zin of herhaling.

    Prentenboeken, verhalen en tv-programma’s of video’s op kindermaat vormen een rijk taalaanbod. Hierdoor leert je kind veel nieuwe woorden bij. Neem eenzelfde boek of video meerdere keren door: je kind weet dan wat er zal gebeuren en heeft plezier als zijn of haar voorspelling klopt.

    Een begrijpelijk taalaanbod

    Nieuwe taal aanbieden, stimuleert de taalontwikkeling van je kind. Nieuwe woorden moet je wel begrijpelijk maken. Je kind leert het best als hij of zij het onbekende kan vasthangen aan iets bekends.

    • Ondersteun nieuwe taal visueel met prenten, gebaren, voorwerpen… Wijs dingen aan en gebruik gezichtsuitdrukkingen.
    • Zorg voor context. Verbind het nieuwe taalaanbod met: 
      • een handeling, bijvoorbeeld 'rijden': voer de handeling uit met een speelgoedauto. 
      • een visuele, auditieve of tactiele ervaring, bijvoorbeeld: laat je kind de handeling doen en maak ondertussen zelf het bijhorende geluid (‘brrrr’)
      • eerder taalaanbod dat het kind kent, bijvoorbeeld: 'de auto rijdt op de tafel, de auto rijdt op de mat, de auto rijdt op de stoel…'
      • eerdere ervaringen of kennis van de wereld van het kind, bijvoorbeeld: ga aan het raam staan en wijs naar de rijdende auto's op straat
    • Breng ‘reliëf’ aan in het gesprek. Dat kan door intonatie, herhaling of de kern van de boodschap naar voren te brengen.
      Bijvoorbeeld kern naar voor brengen: 'De bal. Wil je met de bal spelen?'
    • Volg op of je kind de boodschap begrijpt en herhaal of pas je boodschap aan om het begrip te bevorderen.

    Voorlezen

    Voorlezen is een fijne, creatieve en positieve manier om de taalontwikkeling te stimuleren. Verschillende onderzoeken tonen aan dat voorlezen een positief effect heeft op de mondelinge taalontwikkeling. Baby’s die worden voorgelezen, lopen op een leeftijd van 15 maanden voor in hun taalontwikkeling en breiden die voorsprong vervolgens verder uit.

    Voorlezen kan op veel manieren: samen aanwijzen en benoemen in prentenboeken,  liedjes zingen, versjes zeggen … Boeken kunnen vertellen over dagelijkse gebeurtenissen, maar een boek daagt ook uit en kan de wereld die je kind niet kent binnenbrengen. Er gaat een wereld van verbeelding én nieuwe woorden voor hem of haar open. Zo groeit de woordenschat van je kind razendsnel.

    Voorlezen is samen bezig zijn en plezier beleven met boekjes en elkaar. Het verbetert de interactie met je kind. Je kind kijkt en luistert, volgt je bij het vertellen en aanwijzen, en ook jij kan inspelen op wat je kind doet. Kies een rustige plek met weinig afleiding waar je samen kan zitten, zodanig dat je kind jou kan volgen en jij de reacties van je kind kan zien.

    5 boekentips

    Voorlezen is de passie van kinderbegeleider Haleh. Ze vindt het een van de leukste manieren om de taalontwikkeling van je kind te stimuleren.

    Bekijk de boekentips