Druk gedrag

Zo goed als elk kind vertoont regelmatig druk gedrag. Je kind kan dan onrustig zijn, snel geprikkeld, ongehoorzaam, impulsief … Je komt dan soms in moeilijke situaties terecht en zit met de handen in het haar.

Ga snel naar

    Waarom vertoont een kind druk gedrag?

    Bij een kind zijn de remmende systemen in de hersenen onvoldoende ontwikkeld. Daardoor reageert hij of zij vaker impulsief. Meestal begint de remfunctie zich rond 3 à 4 jaar te ontwikkelen.

    Je kind kan erg gevoelig zijn voor prikkels. Hij of zij is elke avond enorm beweeglijk en moet zich lichamelijk kunnen uitleven. Samen een boekje lezen kan heel fijn zijn. Maar wanneer de poes in de buurt rondloopt, de radio aanstaat en kleine broer huilt, zal het niet makkelijk zijn voor je kind om niet snel afgeleid te zijn.

    Wist je dat?

    Weet dat elke peuter zich maar beperkte tijd kan concentreren. 10 minuten is al een hele prestatie.

    Kenmerken die een invloed hebben op het drukke gedrag

    1. Het kind
      persoonlijkheid, leeftijd, ontwikkelingsniveau, temperament …
      Bijvoorbeeld: Als een baby van 10 maanden last heeft van scheidingsangst, kan hij of zij zich drukker gedragen.
    2. De ouder of begeleider
      Vermoeidheid, persoonlijke problemen, moeite hebben met grenzen te stellen, manier van omgaan met het kind …
    3. De omgeving
      Te veel prikkels, te weinig mogelijkheden om het kind zich te laten uitleven, ingrijpende gebeurtenissen …
      Bijvoorbeeld: de eerste keer naar de kinderopvang, de geboorte van een broertje of zusje.

    Hoe uit druk gedrag zich?

    Een drukke baby:

    • is heel alert
    • is vlug van slag
    • heeft vaak geen duidelijk slaap- en eetritme
    • slaapt vaak moeilijker in en wordt ’s nachts vaker wakker
    • is onrustig: huilen, spartelen …
    • is snel geprikkeld.

    Een drukke peuter:

    • is ongeduldig
    • is koppig en driftig
    • is ongehoorzaam
    • heeft veel aandacht en hulp nodig
    • is overbeweeglijk: klimmen, rennen, overal op kruipen, friemelen ...
    • is soms onhandig: struikelen, morsen of dingen per ongeluk stukmaken …
    • is impulsief: moeilijk kunnen wachten, antwoord geven voor het einde van de vraag, meteen reageren, snel wisselende stemmingen …
    • heeft concentratieproblemen: de aandacht moeilijk bij een ding kunnen houden, snel afgeleid zijn door prikkels, vergeten waarmee hij of zij bezig was, wat hem of haar gevraagd is …
    Wist je dat?

    Huilerige baby’s of snel geïrriteerde baby’s kunnen opgroeien tot rustige kinderen. Ook het omgekeerde is mogelijk: rustige baby’s kunnen zich ontpoppen tot drukke kinderen.

    Hoe omgaan met druk gedrag?

    6 tips om je kind te ondersteunen:

    1. Geef je kind ruimte om zich lichamelijk uit te leven: in de tuin, het park, de speeltuin …
    2. Heeft je kind een grens overschreden? Kies een rustige plek uit om dit te bespreken en begin daarna weer met een schone lei. Een uitgebreide uitleg of lange preek heeft weinig zin.
    3. Moet je kind zich ergens rustig houden? Neem dan iets mee waarmee hij of zij graag bezig is.
    4. Maak je omgeving minder prikkelgevoelig. Zet bijvoorbeeld niet tegelijk de tv en muziek op.
    5. Zorg voor een rustig plekje in huis waar je kind zich kan terugtrekken.
    6. Help je kind door zijn of haar aandacht op één activiteit of op één soort speelgoed te vestigen

    Twijfels of vragen? Wij staan voor je klaar!

    Een verpleegkundige van Kind en Gezin staat je graag bij met advies op maat. Contacteer de Kind en Gezin-Lijn of maak een afspraak voor het spreekuur opvoedingsondersteuning. Tijdens een of meerdere gesprekken zoekt een verpleegkundige samen met jou een antwoord op je opvoedingsvragen.