Groentepap

Start het best met licht verteerbare groenten zoals witloof, bloemkool, wortelen, courgette, pompoen, tomaat, spinazie, ... Meestal lust een kindje dit wel. Maar ieder kind is anders. Geef de groentepap liefst ’s middags, zo kan die nog goed verteren. Kan het niet anders dan de maaltijd ’s avonds te geven, geef dan een voeding die niet te zwaar is en doe dit niet te laat.

Ga snel naar

    Hoeveelheid

    Start met enkele lepeltjes groentepap. Laat je kind zelf aangeven hoeveel groentepap het wil eten. Als je kindje stopt na enkele hapjes, geef je nadien nog melkvoeding bij.

    Gaat groentepap eten goed, voer de hoeveelheid dan langzaam op tot gemiddeld 150 gram. Tegen de leeftijd van 1 jaar neemt dit toe tot 250 à 300 gram. De ideale verhouding is: 2/3 groenten en 1/3 aardappelen, deegwaren of witte rijst.

    Reken in het begin 1 à 2 eetlepels ongekookte deegwaren of gekookte rijst. Kook ze altijd in een ruime hoeveelheid water, want zij slorpen veel water op. Deegwaren bevatten geen vitamine C. Zorg dus dat er ook altijd voldoende verse groenten op het menu staan.

    Wist je dat?

    Rijst kan hoge hoeveelheden arseen bevatten. Kook rijst in een voldoende grote hoeveelheid water (6 keer zoveel water als rijst) en giet het kookwater weg alvorens de rijst op te dienen. Beperk tot 1 keer per week.

    Voorbereiden

    1. Schil de aardappelen. Snij bruine en groene delen van aardappelen en ook de scheuten ruim weg.
    2. Verwijder slappe en verlepte bladeren van de groenten.
    3. Spoel de groenten verschillende keren in ruim water tot het spoelwater zuiver is.
    4. Schil ze. Snij ze dan in grote gelijke delen. Zo gaan er minder vitamines verloren.

    Bereiden

    Link naar video: Groentepap bereiden
    Groentepap bereiden
    1. Kook de groenten en aardappelen in een beetje water of stoom ze. Zo heb je een max. behoud van vitamines. Een snelkookpan of microgolfoven is zeker aan te bevelen. Sommige groenten bevatten van zichzelf al veel vocht, bij witloof bv. moet geen water toegevoegd worden.
    2. Plet alles of maak fijn met een vork. Mixen kan ook, maar dan komt er veel lucht in de pap en gaan de vitamines sneller verloren.
    3. Voeg afhankelijk van de hoeveelheid pap een koffielepel tot eetlepel vetstof toe. Dit maakt het papje smeuïger en geeft een baby voldoende energie om te groeien en zich te ontwikkelen. Kies bij voorkeur voor een olie (bv. maïs-, olijf-, arachide-, koolzaad- of zonnebloemolie), een zachte plantaardige margarine of bak- en braadvet rijk aan onverzadigde vetzuren. Lees meer achtergrondinformatie over vetten.
    4. Geef de groentepap zo snel mogelijk na de bereiding. Hou ze niet onnodig warm en warm ze geen tweede keer op. Dit geldt ook voor potjesvoeding.

    Kook de groenten en aardappelen gaar

    Kook (of stoom) ze in een beetje water.

    Voeg vetstof toe

    Afhankelijk van de hoeveelheid pap voeg je een koffielepel tot een eetlepel vetstof toe.

    Plet alles

    Of maak fijn met een vork.

    Een microgolfoven warmt ongelijk op

    Roer daarom de voeding goed om als je de voeding klaarmaakt in de microgolfoven. Controleer de temperatuur en geef ze dan pas aan je baby.

    Tips voor een geslaagde groentepap

    • De pap hoeft niet noodzakelijk verschillende soorten groenten te bevatten. Zorg voor zo veel mogelijk afwisseling, zo leert je baby alles eten en krijgt hij ook de nodige vitamines en mineralen binnen. Geef je een bepaalde groentesoort voor het eerst, doe dit dan enkele dagen na elkaar. Zo merk je makkelijker of je baby dit lust.
    • Fruit en groenten hebben een andere voedingswaarde en kunnen elkaar dus niet vervangen. Bij een warme maaltijd geef je je baby altijd verse groenten en zorg je ook voor voldoende variatie. Je mag wel eens appelmoes geven, maar doe dit niet te vaak.
    • Je kan een beetje soep toevoegen aan de groentepap om ze minder droog te maken, maar doordat ze weinig vitamines bevat, kan soep een warme maaltijd zeker niet vervangen.
    • Kies zoveel mogelijk voor verse groenten en verwerk die zo snel mogelijk na  aankoop. Bewaar verse groenten hoogstens 3 dagen in de koelkast. Groenten uit blik of glas zijn niet de eerste keuze. Bij de bereiding wordt er veel zout aan de groenten toegevoegd. Dat zout heeft je baby niet nodig en het kan bovendien zijn nieren belasten.
    • Vermijd het toevoegen van suiker, zout of kruiden. Zo leert je baby de smaak van de groenten kennen en wordt zijn maag-darmkanaal niet onnodig geprikkeld. Te veel zout is ongezond en te zwaar om te verwerken voor je baby’s nieren. Zachte tuinkruiden kunnen eventueel wel: peterselie, bieslook, kervel, basilicum en venkel.
    • Heeft je kind een afkeur voor het aanvaarden van groentepap, kan je langzaam wat groenten of aardappelen aan fruitpap toevoegen.
    • Weigert je baby een bepaalde groente of verdraagt hij of zij ze niet, wacht dan een paar weken om ze nog eens op het menu te zetten.

    Welke groenten?

    De wijzer Gezond eten geeft een mooi overzicht van welk fruit en welke groenten je op welke leeftijd mag geven.

    Nitraatrijke groenten

    Nitraat is op zich onschadelijk voor de gezondheid. Het is een stof die in de meeste groenten voorkomt. Tijdens het bewaren en bereiden van groenten kan nitraat om gezet worden in nitriet. Een rapport van de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA) toont aan dat de risico's voor de gezondheid verwaarloosbaar zijn. Meerdere keren nitraatrijke groenten eten tijdens de week kan. Ook de combinatie met vis houdt geen risico's in. Ook opwarmen op zich is geen probleem, maar omwille van vitamineverlies is het niet aan te raden.

    Diepgevroren producten

    Je baby mag industrieel niet-bereide diepgevroren groenten (zonder room of saus) eten. Het proces van invriezen heeft geen invloed op de voedingswaarde. Industrieel diepvriezen gebeurt op -30 tot -40 °C. Het verlies van voedingsstoffen vindt vooral plaats vóór het invriezen en bij het bewaren.

    Thuis zijn de omstandigheden minder ideaal: veel voedingsstoffen gaan verloren, de kwaliteit van het voedingsmiddel daalt en de houdbaarheid is veel beperkter.

    Kruiden en bouillonblokjes

    Je kan zachte kruiden, zoals peterselie, bieslook, kervel, basilicum en venkel toevoegen aan de groentepap. Wees voorzichtig met sterk smakende kruiden en pikante specerijen. Die kunnen het maag-darmkanaal van kinderen te hard prikkelen. Probeer ze voorzichtig uit.

    • Vermijd de toevoeging van zout aan de voeding van een kind. Zout dat van nature in de voedingsmiddelen zit is voldoende.
    • Bouillonblokjes zijn geconcentreerde extracten van groenten, vlees, kip of vis met kruiden en veel zout, die de nieren van een kind kunnen overbelasten. Het zijn vooral smaakmakers. Er bestaan vetarme en zoutarme bouillonblokjes, maar ook deze bevatten nog vrij veel zout. Bij een kind wordt al snel de dagelijkse aanbevolen hoeveelheid bereikt. Bouillonblokjes bevatten ook vooral smaakversterkers en kleurstoffen en hebben geen nutritionele meerwaarde. Je gebruikt ze dus beter niet. Trek zelf bouillon van soepvlees, kip (beenderen) of vis (graten) met groenten en kruiden.
    • Wil je toch een bouillonblokje gebruiken in verse groentesoep, kies dan alvast voor zoutarme en beperk dit tot 1 blokje per liter vloeistof.