Vaste voeding vanaf 8 maanden

Vanaf 8 maanden kan je gaandeweg starten met grover voedsel: je kind leert kauwen. Zo kan er ook stilaan wat brood of stukjes zacht wegsmeltende voeding (bv. gestoomde wortel of aardappel die je kan platduwen tussen duim en wijsvinger) gegeven worden als je zelf je warme maaltijd eet. Zo leren ze stukjes eten en alles proeven.

Ga snel naar

    Groente- en fruitpap vanaf 8 maanden

    Je kan vaste maaltijden nog geven als lepelvoeding, maar geef je baby ook eens een stukje vaste voeding als je zelf eet. Deze combinatie maakt de overgang naar een grovere structuur in voeding eenvoudiger.

    Vaste voeding vastnemen, ernaar kijken en ermee experimenteren leert je kindje dat zijn of haar mond er iets anders mee moet doen dan met wat op een lepeltje wordt aangeboden. Je kind leert zo dat het niet altijd hap-slik-weg is, zoals bij de lepelvoeding.

    Charlotte Scheerens logopediste in het kinderziekenhuis van UZ Leuven

    quote-mark

    Tussen 8 en 12 maanden kan je baby voeding met de tong naar de zijkant van de mond brengen om te kauwen. Hij of zij leert ook grover gemalen en vast voedsel eten, dat lukt zelfs zonder tandjes!  Als je regelmatig afwisselt in smaak en textuur (bv. met pasta of pletten in plaats van mixen), vergroot de kans dat je kind een goede eter wordt.

    Ga geleidelijk aan van fijn (geplet) naar grover (geprakt) voedsel. Maak eerst de groentepap gaandeweg minder vloeibaar, zodat je kind speeksel moet ‘bijvoegen’. De tong moet het voedsel heen en weer brengen, wat het kauwen stimuleert. Kan je baby drogere pap eten, begin dan met zachte brokjes in zijn voedsel. Je kan je baby vanaf dan ook eens een stukje brood geven. Dit is de beste periode voor een kind om dit te leren.

    Een kleine hap... een grote stap

    Indra en Charlotte zijn logopedisten, Lobke is kinderdiëtiste  Ze onderscheiden enkele voedingsmijlpalen voor de leeftijd van 1 jaar en delen tips om die vlot te overbruggen.

    Lees het interview met Indra, Lobke en Charlotte

    Starten met brood

    Schakel geleidelijk aan over naar brood: week bv. stukjes lichtbruin brood in melkvoeding en laat de baby af en toe op een broodkorstje knabbelen of maak een papje van melkvoeding met voorgekookte fijne melen of granen. Geef na een paar keer de melkvoeding apart, besmeer het brood met vetstof en leg eventueel wat zacht beleg op.

    Start een echte broodmaaltijd met ’s morgens 1/2 of 1 sneetje lichtbruin brood. Als de broodmaaltijd 's morgens goed gaat, kan je na een tijdje ook 's avonds een melkvoeding vervangen door een boterham. Let wel dat je baby dagelijks nog voldoende melkvoeding drinkt.

    Extra drinken

    Melkvoeding is nog altijd het belangrijkste. Wil een kind gewoon wat meer drinken dan alleen zijn melkvoeding, kan dit gerust. Water geniet de dagelijkse voorkeur. Het is de beste dorstlesser.

    Je baby mag nu ook soep drinken bij of na zijn groente- of broodmaaltijd.

    Melkproducten

    Kinderen krijgen bij voorkeur een aangepaste melkvoeding tot de leeftijd van 3 jaar. Dit is borstvoeding of flesvoeding. Het is immers vrijwel onmogelijk om met uitsluitend gewone koemelk binnen de Europese en Belgische voedingsaanbevelingen voor baby’s en peuters te blijven. Het hoge eiwitgehalte van koemelk (of andere, zoals geiten-, paarden- of gewone sojadrank) overbelast de nieren van je kindje. Teveel aan eiwitten kan zwaarlijvigheid veroorzaken. Bovendien bevat koemelk onder andere te weinig vitamines, mineralen en onverzadigde vetzuren.

    Ook voor koemelkproducten zoals yoghurt of fruitkaasjes is het nog te vroeg. Als je pudding wil geven, gebruik je aangepaste melkvoeding als basis.